Titel 10. Wet van 14 juni 2007 (Stb. 254)

Artikel 18.63

Personen die een voor 1 september 2007 op grond van artikel 7.11, vierde lid, afgegeven verklaring betreffende een Ad-programma overleggen aan het instellingsbestuur van de instelling waar die verklaring is afgegeven, ontvangen een desbetreffend getuigschrift en een desbetreffend diplomasupplement als bedoeld in het genoemde artikel, indien Onze Minister bij besluit met het Ad-programma heeft ingestemd. Tevens verleent het instellingsbestuur op grond van artikel 7.10b, eerste lid, de graad Associate degree aan degenen die met goed gevolg het examen hebben afgelegd van een Ad-programma met een studielast van ten minste 120 studiepunten.

Artikel 18.64

Lid 1

Universitaire eerstegraads lerarenopleidingen als bedoeld in artikel 7.4, vierde lid, zoals die bepaling op 31 augustus 2002 luidde, worden, voorzover die opleidingen op 31 augustus 2002 aan de desbetreffende bekostigde of aangewezen universiteit zijn verbonden, aangemerkt als de masteropleidingen in het wetenschappelijk onderwijs, bedoeld in artikel 7.30c.

Lid 2

Onder de opleidingen, bedoeld in het eerste lid, worden mede begrepen de opleidingen die zijn ingesteld en geregistreerd in de Registratie instellingen en opleidingen, bedoeld in artikel 6.13, dan wel tijdig voor registratie in dat register zijn aangemeld.

Artikel 18.65

Lid 1

Aan de opleidingen die tot 1 januari 2006 werden verzorgd door de instelling, bedoeld in artikel 16.21, eerste lid, onderdeel a, onder 1°, en met ingang van die datum worden verzorgd door de bijzondere universiteit te Tilburg, blijft de verleende accreditatie verbonden.

Lid 2

Onze Minister draagt zorg voor de wijziging van de registratie van de opleidingen, bedoeld in het eerste lid, in de Registratie instellingen en opleidingen. Daarbij wordt vastgelegd dat die opleidingen in Tilburg worden verzorgd.

Artikel 18.66

Lid 1

Aan de opleidingen die tot 1 juli 2006 werden verzorgd door de instelling, bedoeld in artikel 16.21, eerste lid, onderdeel a, onder 2°, en met ingang van die datum worden verzorgd door de bijzondere universiteit te Tilburg, blijft de verleende accreditatie verbonden.

Lid 2

Onze Minister draagt zorg voor de wijziging van de registratie van de opleidingen, bedoeld in het eerste lid, in de Registratie instellingen en opleidingen. Daarbij wordt vastgelegd dat die opleidingen in Utrecht worden verzorgd.