Uitspraken over Art. 7:267 Burgerlijk Wetboek Boek 7
Art. 7:267 BW is sinds 1986 in 254 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Noord-Holland en Rb. Amsterdam.
Pagina 4 van 11 — 255 uitspraken in totaal, gesorteerd op gezagsvolgorde (Hoge Raad → Hof → Rechtbank)
- ECLI:NL:RBNHO:2026:4191 — 01-04-2026 Rb. Noord-Holland Civiel recht
De ex-partner van de oorspronkelijke huurster is ontvankelijk in zijn vordering tot medehuurderschap, hoewel de vordering niet gezamenlijk is ingesteld. De beslissing over het gevorderde medehuurderschap wordt aangehouden. Aan de ex-partner is een bewijsopdracht gegeven, omdat… - ECLI:NL:RBOBR:2026:1951 — 27-03-2026 Rb. Oost-Brabant Civiel recht
Huurrecht. Voorlopige voorziening. Artikel 7:268 lid 2 jo. 7:268 lid 4 en 7:267 lid 7 BW. Afwijzing gevraagde voorziening en overige vorderingen. - ECLI:NL:RBLIM:2026:2386 — 19-03-2026 Rb. Limburg Civiel recht
Kort geding. Vordering ontruiming woonruimte. Eerder verzoek tot medehuurderschap is niet-ontvankelijk verklaard vanwege niet betalen griffierecht. Hoger beroep ingesteld tegen de niet-ontvankelijkheidsbeslissing. Gedaagde verblijft zonder recht of titel in de woning. Ontruiming… - ECLI:NL:RBGEL:2026:2103 — 11-03-2026 Rb. Gelderland Civiel recht
Huur. Ontbinding en ontruiming toegewezen. Huurder heeft hoofdverblijf elders. Beoogd medehuurder moet ook het gehuurde verlaten. Reconventionele vordering medehuurschap 7:267 BW afgewezen. Geen gezamenlijke huishouding. - ECLI:NL:RBAMS:2026:2445 — 06-03-2026 Rb. Amsterdam Civiel recht
De 38-jarige dochter van een huurster van een woning in Amsterdam mag medehuurder worden naast haar moeder. - ECLI:NL:RBLIM:2026:1849 — 04-03-2026 Rb. Limburg Civiel recht
Toekenning huurrecht na verbroken relatie. Partijen zijn beide partij bij de huurovereenkomst. Belangenafweging conform artikel 7:267 lid 7 BW. Volgens artikel 3 lid 1 IVRK vormen de belangen van de minderjarige een eerste overweging, wat niet betekent dat de belangen van de… - ECLI:NL:RBGEL:2026:1568 — 25-02-2026 Rb. Gelderland Civiel recht
Vordering medehuurschap afgewezen. Niet minimaal 2 jaar hoofdverblijf in het gehuurde. - ECLI:NL:RBNHO:2026:2635 — 18-02-2026 Rb. Noord-Holland Civiel recht
Kort geding. Partijen hebben een affectieve relatie gehad. Verzoek o.g.v. artikel 7:267 lid 7 BW tot uitsluitend gebruik van de huurwoning. Belangenafweging. - ECLI:NL:RBDHA:2026:4076 — 30-01-2026 Rb. Den Haag Civiel recht
Bodem (tussenbeschikking): gezag, omgang, hoofdverblijfplaats. Voorlopige voorzieningen (223 Rv) gezag, omgang. Doorverwijzing naar kantonrechter voor verzoeken ten aanzien van het huurrecht en uitsluitend gebruik van de woning (samenwoners). - ECLI:NL:RBNHO:2026:533 — 28-01-2026 Rb. Noord-Holland Civiel recht
Gezamenlijk verzoek dat vrouw huurovereenkomst niet voortzet. Artikel 96 Rv en 7:267 lid 7 BW - ECLI:NL:RBMNE:2026:396 — 21-01-2026 Rb. Midden-Nederland Civiel recht
Medehuurderschap meerderjarig kind. Artikel 7:267 BW. Gemeenschappelijke duurzame huishouding? Voldoende financiële draagkracht? Tussenvonnis, bewijslevering. - ECLI:NL:RBOVE:2026:177 — 13-01-2026 Rb. Overijssel Civiel recht
De woningstichting had een huurovereenkomst met de moeder van partij A. De moeder is overleden. Partij A vordert om voor recht te verklaren dat met ingang van het overlijden van zijn moeder de huur van de woning voortzet en dat hij de huurder van de woning wordt. De… - ECLI:NL:RBMNE:2025:7207 — 31-12-2025 Rb. Midden-Nederland Civiel recht
artikel 96 Rv; gezamenlijke vordering dat medehuurder huurovereenkomst gehuurde niet zal voortzetten artikel 7:267 lid 7 BW. - ECLI:NL:RBLIM:2025:12567 — 17-12-2025 Rb. Limburg Civiel recht
Kort geding. Affectieve relatie hoofdhuurders geëindigd. Vordering tot exclusief gebruik van het gehuurde. Belangenafweging. Art. 7:267 lid 7 BW. - ECLI:NL:RBROT:2025:14162 — 05-12-2025 Rb. Rotterdam Civiel recht
Huurrecht. Contractueel medehuurder. Aansprakelijkheid voor betalen huur na vertrek uit de woning. Woonplaatskeuzebeding in de algemene voorwaarden. - ECLI:NL:RBNHO:2025:15875 — 03-12-2025 Rb. Noord-Holland Civiel recht
De huurder van een sociale huurwoning van de verhuurder is overleden. De vordering van eiser (de broer/inwoner) om de huur voort te zetten wordt afgewezen. Eiser heeft zijn standpunt niet onderbouwd, het gemotiveerde verweer van de verhuurder niet weersproken en zich op de… - ECLI:NL:RBAMS:2025:9034 — 25-11-2025 Rb. Amsterdam Civiel recht
Kort Geding. Vordering tot ontruiming wordt toegewezen. Huurder heeft geen hoofdverblijf meer in de woning en er is geen duurzame gemeenschappelijke huishouding van twee jaar - ECLI:NL:RBAMS:2025:9146 — 18-11-2025 Rb. Amsterdam Civiel recht
Eisers vorderen een verklaring voor recht dat zij als medehuurder worden aangemerkt voor de huurwoning. De kantonrechter legt eisers een bewijsopdracht op, om aan te tonen dat er sprake is van een duurzame gemeenschappelijke huishouding. - ECLI:NL:RBROT:2025:14571 — 14-11-2025 Rb. Rotterdam Civiel recht
Dochter wordt aangemerkt als medehuurder van vader, omdat duurzame gemeenschappelijke huishouding vast komt te staan. - ECLI:NL:RBROT:2025:14160 — 14-11-2025 Rb. Rotterdam Civiel recht
Toedeling huurrecht op grond van artikel 7:267 lid 7 BW. - ECLI:NL:RBROT:2025:13431 — 14-11-2025 Rb. Rotterdam Civiel recht
Vordering toekennen medehuurderschap aan zoon huurster. Kantonrechter oordeelt dat tussen moeder (93 jaar) en zoon (58 jaa) en duurzame gemeenschappelijke huishouding bestaat. Zoon biedt voldoende waarborg voor nakoming huurovereenkomst. - ECLI:NL:RBDHA:2025:22259 — 05-11-2025 Rb. Den Haag Civiel recht
Verdeling van de zorg- en opvoedingtaken. Afwijzen eenhoofdig gezag. - ECLI:NL:RBROT:2025:12765 — 28-10-2025 Rb. Rotterdam Civiel recht
KG. Verstek. Aan wie van partijen komt het gebruik van de huurwoning toe na relatiebreuk? In kort geding kan niet worden bepaald aan wie het gebruiksrecht toekomt. Er volgt veroordeling van gedaagde om de woning te verlaten, op straffe van verbeurte van een dwangsom. En verbod… - ECLI:NL:RBOVE:2025:6195 — 24-10-2025 Rb. Overijssel Civiel recht
In deze zaak staat de vraag centraal of gedaagde medehuurder van de woning van eiser is. Volgens eiser is gedaagde geen medehuurder en verblijft hij zonder recht of titel in de woning. Eiser vordert daarom dat gedaagde de woning binnen twee dagen ontruimt. Gedaagde voert… - ECLI:NL:RBDHA:2025:20963 — 14-10-2025 Rb. Den Haag Civiel recht
Huur. De rechtspositie van de in het gehuurde woonachtige echtgenoot of geregistreerd partner van de huurder (artikel 7:266 BW). Complicaties: ontruimingsvonnis jegens één van partners en een echtscheiding. Geen analoge toepassing van artikel 7:267 lid 7 BW, want er is geen…
Bron: Rechtspraak.nl. Koppelingen worden gemaakt op basis van artikelverwijzingen in de uitspraaktekst.