Artikel 238 Faillissementswet

Lid 1

Zodra de surseance een aanvang heeft genomen, kan de schuldenaar, die huurder is, met inachtneming van het bij artikel 228 bepaalde, de huur tussentijds doen eindigen, mits de opzegging geschiede tegen een tijdstip, waarop dergelijke overeenkomsten naar plaatselijk gebruik eindigen. Bovendien moet bij de opzegging de daarvoor overeengekomen of gebruikelijke termijn in acht genomen worden, met dien verstande echter, dat een termijn van drie maanden in elk geval voldoende zal zijn. Zijn de huurpenningen vooruit betaald, dan kan de huur niet eerder worden opgezegd dan tegen de dag, waarop de termijn, waarvoor vooruitbetaling heeft plaats gehad, eindigt.

Lid 2

Van de aanvang der surseance af is de huurprijs boedelschuld.

Lid 3

Indien de schuldenaar pachter is, vindt het bovenstaande overeenkomstige toepassing.

Dit artikel verwijst naar:

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 238 Fw is sinds 2007 in 12 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Hof Amsterdam en Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2021:1994 — 24-12-2021 Hoge Raad
    Faillissementsrecht. Art. 39 Fw; art. 238 Fw; art. 6:119 e.v. BW. Is wettelijke rente of contractuele vertragingsrente over als boedelschuld verschuldigde huurprijs een boedelschuld?
  • ECLI:NL:HR:2011:BO3534 — 14-01-2011 Hoge Raad
    Huurrecht. Faillissement huurder; effectiviteit van een beding in een huurovereenkomst voor zover daarmee wordt beoogd de verhuurder in geval van vervroegde opzegging van de overeenkomst door de curator in het faillissement van de huurder (als bedoeld in art. 39 Fw) aanspraak te…
  • ECLI:NL:GHAMS:2024:1071 — 23-04-2024 Hof Amsterdam
    Onroerendezaak belasting over periode na datum faillissement. Geen boedelvordering wel een verifieerbare vordering. Toepassing regels uit HR - Credit Suisse/Jongepier q.q.
  • ECLI:NL:GHAMS:2022:124 — 25-01-2022 Hof Amsterdam
    Er lopen (in eerste aanleg en in hoger beroep) meerdere procedures tussen HBC en de verhuurders over door HBC afgegeven (financiële) garanties in verband met de huur door haar inmiddels failliete dochter HBC NL van verschillende vroeger door V&D gehuurde panden. Bekrachtiging…
  • ECLI:NL:GHSHE:2011:BS8956 — 16-08-2011 Hof 's-Hertogenbosch
    Tussentijdse ontbinding factorovereenkomsten na faillissement op grond van een contractueel beding. Kan de voor dat geval mede bedongen aanspraak op gederfde winst worden verhaald op de aan de bank verstrekte pandrechten voor alle bestaande en toekomstige vorderingen of is dat…

Bekijk alle 12 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.