Artikel 232 Faillissementswet
De surseance werkt niet ten aanzien van:
vorderingen waaraan voorrang is verbonden, behoudens voorzover zij niet verhaald kunnen worden op de goederen waarop de voorrang rust;
vorderingen wegens kosten van levensonderhoud of van verzorging of opvoeding, verschuldigd krachtens de wet en vastgesteld bij overeenkomst of rechterlijke uitspraak, behoudens voorzover het gaat om vóór de aanvang der surseance vervallen termijnen, waarvan de rechtbank het bedrag heeft vastgesteld, waarvoor de surseance werkt;
termijnen van huurkoop en van scheepshuurkoop.
Recente uitspraken
Art. 232 Fw is sinds 2017 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:OGEABES:2026:19 — 17-04-2026 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si
Voorlopige surseance van betaling. - ECLI:NL:OGEABES:2021:2 — 09-03-2021 Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Si
Bopec. Voorlopige surseance van betaling. - ECLI:NL:RBAMS:2017:2006 — 22-03-2017 Rb. Amsterdam
Prejudiciële vraag voor HR: Komt een vordering ter zake van rente vervallen in de periode vanaf datum van surseance van betaling tot aan de datum van een opvolgend faillissement over een vordering ten aanzien waarvan de surseance van betaling werkt in aanmerking voor verificatie…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.