Artikel 31 Gerechtsdeurwaarderswet

Lid 1

De gerechtsdeurwaarder is verplicht de in artikel 17, eerste lid, bedoelde stukken, vergezeld van een verslag van het onderzoek daarover van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dat voor wat betreft de jaarrekening van het kantoor ten minste een beoordelingskarakter draagt, binnen zes maanden na afloop van elk boekjaar in te dienen bij het Bureau.

Lid 2

Bij regeling van Onze Minister worden regels gesteld betreffende de wijze van indiening en de inhoud van het verslag, bedoeld in het eerste lid, alsmede de inhoud en wijze van verstrekking van overige gegevens aan het Bureau.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 31 Gdw is sinds 2015 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam.

  • ECLI:NL:GHAMS:2023:345 — 07-02-2023 Hof Amsterdam
    Klacht tegen elf gerechtsdeurwaarders. Het gerechtsdeurwaarderskantoor is failliet verklaard. Bewaringstekort. Art. 19 Gdw. Vaststellingsovereenkomst met opdrachtgever. Administratieverplichtingen. Klacht deels gegrond, deels ongegrond. Schorsing in de uitoefening van het ambt…
  • ECLI:NL:GHAMS:2015:1337 — 07-04-2015 Hof Amsterdam
    Servaas legt executoriaal derdenbeslag onder verschillende in Nederland gevestigde bedrijven ter inning van een vordering op de staat Irak. Het beslag is gelegd op vorderingen die Irak mogelijk heeft ten opzichte van de derdebeslagenen ter zake door hen met de Kurdistan Regional…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.