Artikel 12a Gerechtsdeurwaarderswet
Lid 1
De gerechtsdeurwaarder oefent zijn ambt in onafhankelijkheid uit. De gerechtsdeurwaarder mag zijn ambt niet uitoefenen in enig verband waardoor zijn onafhankelijkheid wordt of kan worden beïnvloed.
Lid 2
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over het bepaalde in het eerste lid.
Lid 3
De voordracht voor een krachtens het tweede lid vast te stellen algemene maatregel van bestuur wordt niet gedaan dan vier weken nadat het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd.
Recente uitspraken
Art. 12a Gdw is sinds 2020 in 2 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:GHAMS:2023:2137 — 19-09-2023 Hof Amsterdam
Klacht BFT tegen drie gerechtsdeurwaarders van één kantoor. Verschillende klachtonderdelen, zoals ambtshandelingen verrichten t.b.v. de eigen maatschap (art. 3 Gdw), (multi-)bankbeslag leggen “op de gok” en het ondeugdelijk inrichten van de kantooradministratie. Klacht is… - ECLI:NL:GHAMS:2020:3540 — 15-12-2020 Hof Amsterdam
Klacht KBvG. Vervolg op tussenbeslissing (ECLI:NL:GHAMS:2019:3379, aanhouding i.v.m. onderzoek door BFT). De KBvG verwijt de gerechtsdeurwaarder – samengevat – het volgende: a. Een door de gerechtsdeurwaarder gehanteerde database is feitelijk in handen van de grootste…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.