Artikel 96 Pensioenwet

Een pensioenuitvoerder vermeldt in zijn bestuursverslag of in het afgelopen boekjaar:

  1. aan de pensioenuitvoerder dwangsommen en bestuurlijke boeten zijn opgelegd, en zo ja, hoeveel deze in totaal hebben bedragen;

  2. een aanwijzing als bedoeld in artikel 171 aan de pensioenuitvoerder is gegeven;

  3. een bewindvoerder als bedoeld in artikel 173 is aangesteld;

  4. een herstelplan als bedoeld in artikel 138 of artikel 139 van toepassing is;

  5. de beëindiging van de situatie, bedoeld in artikel 172, waarin de bevoegdheidsuitoefening van alle of bepaalde organen van een pensioenfonds is gebonden aan toestemming van de toezichthouder.

Wordt genoemd in: