Artikel 9:8 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Lid 1

De zorgverantwoordelijke kan, indien er sprake is van verzet als bedoeld in artikel 1:4, beslissen tot het toepassen van middelen of maatregelen waar het zorgplan met inachtneming van de artikelen 9:5 en 9:6 niet in voorziet, voor zover dit tijdelijk ter afwending van een noodsituatie, die door betrokkene in de accommodatie als gevolg van de psychische stoornis wordt veroorzaakt, noodzakelijk is gelet op:

  1. ernstig nadeel voor betrokkene of anderen,

  2. de veiligheid binnen de accommodatie,

  3. de bescherming van rechten en vrijheden van anderen, of

  4. de voorkoming van strafbare feiten.

Lid 2

De artikelen 8:12, eerste en tweede lid, en 8:13 zijn van overeenkomstige toepassing.

Lid 3

De middelen en maatregelen, bedoeld in het eerste lid, worden bij algemene maatregel van bestuur aangewezen.