Artikel 8:4 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg
Lid 1
De zorgverantwoordelijke draagt er, onverminderd artikel 454 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek, zorg voor dat in het dossier van betrokkene aantekening wordt gehouden van:
de zorgaanbieder;
de naam van de geneesheer-directeur;
de naam van de zorgverantwoordelijke;
de vertegenwoordiger;
de voor continuïteit van zorg relevante familie en naasten;
de zorgkaart;
het zorgplan;
indien er geen overeenstemming over het zorgplan is bereikt, de redenen daarvoor;
de voortgang van de uitvoering van het zorgplan;
de verplichte zorg die op grond van de crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel, zorgmachtiging, artikel 7:3 of artikel 8:11 wordt verleend;
de behandeling op grond van artikel 9:6, het toepassen van middelen of maatregelen als bedoeld in artikel 9:8, eerste lid, of het opleggen van beperkingen als bedoeld in artikel 9:9;
het verslag van de periodieke toetsing van de proportionaliteit, subsidiariteit, effectiviteit en veiligheid van de verleende zorg en verplichte zorg;
een afschrift van de medische verklaring, bedoeld in artikel 5:8, 7:1, 7:11 of 8:19;
een afschrift van de crisismaatregel, machtiging tot voorzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging;
de zelfbindingsverklaring;
het plan, bedoeld in artikel 5:5, eerste lid;
andere schriftelijke wilsuitingen inzake zorg, dan bedoeld in onderdeel f, o of p.
Lid 2
In het dossier houdt de zorgverantwoordelijke tevens aantekening van de verstrekking van gegevens zonder toestemming van betrokkene door de geneesheer-directeur, de burgemeester, de politie, de officier van justitie, en de zorgverantwoordelijke zelf, bedoeld in artikel 8:29.
Lid 3
In afwijking van artikel 455 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek vernietigt de zorgverantwoordelijke het dossier niet indien de zorgverantwoordelijke redelijkerwijs mag aannemen dat bewaring van het dossier van aanmerkelijk belang is voor betrokkene.
Dit artikel verwijst naar:
- artikel 454 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (BW7)
- artikel 455 van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek (BW7)
- 7:1 (Wvggz)
- 7:11 (Wvggz)
- 8:19 (Wvggz)
- artikel 5:5, eerste lid (Wvggz)
- artikel 5:8 (Wvggz)
- artikel 7:3 (Wvggz)
- artikel 8:11 (Wvggz)
- artikel 8:29 (Wvggz)
- artikel 9:6 (Wvggz)
- artikel 9:8, eerste lid (Wvggz)
- artikel 9:9 (Wvggz)
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 8:4 Wvggz is sinds 2021 in 4 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Den Haag, Hoge Raad en Rb. Limburg.
- ECLI:NL:HR:2022:689 — 13-05-2022 Hoge Raad
Wvggz. Klachtzaak (art. 10:7 Wvggz). Art. 8:16 Wvggz. Betrokkene is overgeplaatst naar andere accommodatie van dezelfde zorgaanbieder en heeft als gevolg daarvan andere zorgverantwoordelijke gekregen. Klacht dat ten onrechte is geoordeeld dat aan wisseling van… - ECLI:NL:RBDHA:2023:5500 — 06-04-2023 Rb. Den Haag
Klacht dossierinhoud artikel 8:4 Wvggz. Klacht beslissing zorgverantwoordelijke 8:9 Wvggz verplichte zorg intramusculaire medicatie. Ontbreken vermelding van middel dat zou worden gebruikt geen wezenlijk vormgebrek. - ECLI:NL:RBDHA:2022:15699 — 10-06-2022 Rb. Den Haag
Behandeling klachten ex artikel 10:7 lid 1 en schadevergoeding ex artt. 10:11 en 10:12 WVGGZ - ECLI:NL:RBLIM:2021:166 — 12-01-2021 Rb. Limburg
Beslissing over een klacht op grond van artikel 10:7 lid 1 Wvggz. Het beroep is afgewezen waardoor de rechtbank niet toekomt aan toekenning van schadevergoeding.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.