Artikel 8:18 Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg

Lid 1

De geneesheer-directeur neemt op een daartoe strekkende schriftelijke en gemotiveerde aanvraag van betrokkene, de vertegenwoordiger, de advocaat of de zorgverantwoordelijke, dan wel uit eigen beweging een beslissing tot beëindiging van het verlenen van verplichte zorg op grond van een crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging indien het doel van verplichte zorg is bereikt of niet langer wordt voldaan aan de criteria voor verplichte zorg.

Lid 2

De geneesheer-directeur neemt niet eerder een beslissing over de beëindiging van de verplichte zorg op grond van een crisismaatregel of machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel dan nadat hij zich ervan heeft vergewist dat er geen verzoek voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel onderscheidenlijk een zorgmachtiging is ingediend.

Lid 3

Voor zover aan betrokkene verplichte zorg wordt verleend, houdende opname in een accommodatie, en betrokkene blijkens de eerder afgegeven medische verklaring ernstig nadeel voor een ander heeft veroorzaakt, neemt de geneesheer-directeur niet eerder een beslissing over beëindiging van de verplichte zorg op grond van een crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging dan nadat hij overleg heeft gevoerd met de burgemeester die de crisismaatregel heeft afgegeven, in geval van beëindiging van de crisismaatregel, of met de officier van justitie en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar betrokkene ingezetene is dan wel naar verwachting zal verblijven, in geval van beëindiging van de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging. Voorts neemt de geneesheer-directeur niet eerder een beslissing over beëindiging van de verplichte zorg op grond van een zorgmachtiging dan nadat hij zich door middel van een medische verklaring van een psychiater, indien van toepassing volgens het vastgestelde model, bedoeld in het veertiende lid, op de hoogte heeft gesteld van het oordeel van de psychiater over zijn voornemen om de verplichte zorg te beëindigen en over de actuele gezondheidstoestand van betrokkene.

Lid 4

De geneesheer-directeur verzoekt Onze Minister van Veiligheid en Justitie schriftelijk om toestemming voor het nemen van een beslissing tot beëindiging van de verplichte zorg, houdende opname in een accommodatie, op grond van een zorgmachtiging die is afgegeven met toepassing van artikel 2.3, eerste lid, van de Wet forensische zorg, behoudens de gevallen waarin artikel 2.3, eerste lid, onder 3, van die wet, is toegepast en betrokkene is vrijgesproken van hetgeen hem ten laste is gelegd.

Lid 5

Onze Minister van Veiligheid en Justitie verstrekt de geneesheer-directeur zo spoedig mogelijk schriftelijk en gemotiveerd zijn beslissing.

Lid 6

Indien de toestemming, bedoeld in het vierde lid, niet wordt gegeven, beëindigt de geneesheer-directeur de verplichte zorg niet en wijst hij de aanvraag af.

Lid 7

De geneesheer-directeur neemt binnen veertien dagen na ontvangst van een aanvraag tot beëindiging van het verlenen van verplichte zorg op grond van een crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging een schriftelijke en gemotiveerde beslissing.

Lid 8

De geneesheer-directeur kan aan de beslissing voorwaarden of beperkingen verbinden.

Lid 9

De geneesheer-directeur geeft betrokkene, de vertegenwoordiger, de advocaat en de zorgverantwoordelijke een afschrift van de beslissing, indien van toepassing voorzien van de beoordeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie, en stelt hen schriftelijk in kennis van de klachtwaardigheid van de beslissing om aan de beslissing voorwaarden of beperkingen te verbinden, als bedoeld in het achtste lid, en de mogelijkheid van advies en bijstand door de patiëntenvertrouwenspersoon en de familievertrouwenspersoon.

Lid 10

De geneesheer-directeur informeert tijdig:

  1. de burgemeester over de beëindiging van de verplichte zorg op grond van een crisismaatregel;

  2. de officier van justitie over de beëindiging van de verplichte zorg op grond van een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging.

Lid 11

De geneesheer-directeur kan de voor de continuïteit van zorg voor betrokkene relevante familie en naasten en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waar betrokkene ingezetene is dan wel naar verwachting zal verblijven informeren over de beëindiging van de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging indien dit noodzakelijk is omdat essentiële voorwaarden voor deelname aan het maatschappelijk verkeer van betrokkene ontbreken.

Lid 12

Bij niet naleving van een aan de beslissing tot beëindiging van het verlenen van verplichte zorg op grond van een crisismaatregel, machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging door de geneesheer-directeur of de rechter verbonden voorwaarde of beperking trekt de geneesheer-directeur de beslissing tot beëindiging in.

Lid 13

De geneesheer-directeur deelt de beslissing tot intrekking, bedoeld in het twaalfde lid, uiterlijk binnen vier dagen na de beslissing schriftelijk en gemotiveerd mee aan betrokkene, de vertegenwoordiger, de advocaat en de zorgverantwoordelijke, en stelt hen daarbij in kennis van de klachtwaardigheid van de beslissing en de mogelijkheid van advies en bijstand door de patiëntenvertrouwenspersoon en de familievertrouwenspersoon. De geneesheer-directeur informeert tijdig de burgemeester over de intrekking van de beëindiging van de verplichte zorg op grond van een crisismaatregel, of de officier van justitie over de intrekking van de beëindiging van de verplichte zorg op grond van een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel of zorgmachtiging.

Lid 14

Bij regeling van Onze Minister kan een model voor een medische verklaring als bedoeld in het derde lid worden vastgesteld.

Recente uitspraken

Art. 8:18 Wvggz is sinds 2020 in 33 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Rb. Gelderland en Rb. Limburg.

  • ECLI:NL:HR:2020:1807 — 20-11-2020 Hoge Raad
    Wvggz. Beroep tegen crisismaatregel (art. 7:6 Wvggz). Wie is procespartij in beroep tegen crisismaatregel? Ontvankelijkheid cassatieberoep. Toelaatbaarheid nieuwe crisismaatregel met aanvullende vormen van verplichte zorg tijdens de geldigheidsduur van de machtiging tot…
  • ECLI:NL:GHAMS:2022:36 — 04-01-2022 Hof Amsterdam
    Hoger beroep OM. Rb heeft besloten tot OVAR ivm ontoerekeningsvatbaarheid en heeft een civiele zorgmachtiging afgegeven. Hof bevestigt vonnis en motiveert waarom geen tbs met dwang wordt opgelegd of een nieuwe zorgmachtiging wordt afgegeven.
  • ECLI:NL:RBNHO:2026:11174 — 26-08-2026 Rb. Noord-Holland
    Wvggz. Schadevergoeding. Medische verklaring had beschikbaar moeten zijn op het moment van de aanvraag ex art. 8:19 lid 1. Rechtbank sluit aan bij ECLI:NL:GHAMS:2026:1611 en acht een termijn van zeven dagen niet onredelijk voor het indienen van een verzoekschrift ex art. 8:19…
  • ECLI:NL:RBDHA:2026:21537 — 02-07-2026 Rb. Den Haag
    Beëindiging van verplichte zorg (artikel 8:19 Wvggz). Verplichte zorg wordt beëindigd onder de voorwaarde dat betrokkene zijn depotmedicatie blijft accepteren en zich aan de afspraken met de ambulante behandelaren houdt.
  • ECLI:NL:RBAMS:2026:3825 — 16-04-2026 Rb. Amsterdam
    Voortzetting crisismaatregel toegewezen, ondanks verweer advocaat niet ontvankelijkheid, door niet tijdige beeindiging.

Bekijk alle 33 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.