Artikel 97 Wetboek van Strafvordering
Lid 1
In geval van ontdekking op heterdaad van een strafbaar feit of in geval van verdenking van een misdrijf als omschreven in artikel 67, eerste lid, kan de officier van justitie, bij dringende noodzakelijkheid en indien het optreden van de rechter-commissaris niet kan worden afgewacht, ter inbeslagneming een woning zonder toestemming van de bewoner doorzoeken.
Lid 2
Voor een doorzoeking als bedoeld in het eerste lid behoeft de officier van justitie de machtiging van de rechter-commissaris. Deze machtiging is met redenen omkleed.
Lid 3
Kan ook het optreden van de officier van justitie niet worden afgewacht, dan komt de bevoegdheid tot doorzoeking toe aan de hulpofficier. Het eerste en het tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing. De machtiging van de rechter-commissaris wordt zo mogelijk door tussenkomst van de officier van justitie gevraagd.
Lid 4
Indien de rechter-commissaris aan een hulpofficier van justitie machtiging heeft verleend ter inbeslagneming een woning zonder toestemming van de bewoner te doorzoeken, is voor het binnentreden in die woning door de betrokken hulpofficier van justitie geen machtiging als bedoeld in artikel 2 van de Algemene wet op het binnentreden vereist.
Lid 5
Artikel 96, tweede lid, is van overeenkomstige toepassing.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 97 Sv is sinds 1985 in 59 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Amsterdam en Rb. Den Haag.
- ECLI:NL:HR:2021:1661 — 09-11-2021 Hoge Raad
Caribische zaak. Medeplegen van opzettelijke invoer van marihuana (art. 4.1 jo. 11.2 Opiumwet 1960 BES) en van voorhanden hebben van munitie (art. 3.1 jo. 11 Vuurwapenwet BES) op Bonaire. Motivering van beslissingen inzake voorlopige hechtenis. 1. Bewijsklacht opzet op invoer… - ECLI:NL:HR:2015:4 — 06-01-2015 Hoge Raad
Vormverzuim. Art. 359a Sv. HR verwijst naar ECLI:NL:HR:2013:BY5321. De doorzoeking van de woning van verdachte heeft plaatsgevonden zonder voorafgaande machtiging van de RC dan wel toestemming van de verdachte. Na de doorzoeking en inbeslagneming van de blackberry heeft de… - ECLI:NL:HR:2014:378 — 18-02-2014 Hoge Raad
Beklag, beslag. Art. 552a en 552d Sv. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep. 2. Verschoningsrecht. Ad 1.De Rb heeft het klaagschrift ongegrond verklaard v.zv. het beklag betrekking heeft op de inbeslagneming van "stukken vallend onder matternummer 70075299". In zoverre kan klager… - ECLI:NL:HR:2014:377 — 18-02-2014 Hoge Raad
Beklag, beslag. Art. 552a en 552d Sv. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep. 2. Verschoningsrecht. Ad 1.De Rb heeft het klaagschrift ongegrond verklaard v.zv. het beklag betrekking heeft op de inbeslagneming van "stukken vallend onder matternummer 70075299". In zoverre kan klager… - ECLI:NL:HR:2014:376 — 18-02-2014 Hoge Raad
Beklag, beslag. Art. 552a en 552d Sv. 1. Ontvankelijkheid cassatieberoep. 2. Verschoningsrecht. Ad 1.De Rb heeft het klaagschrift ongegrond verklaard v.zv. het beklag betrekking heeft op de inbeslagneming van "stukken vallend onder matternummer 70075299". In zoverre kan klager…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.