Artikel 21 Wet op de ondernemingsraden

De ondernemer draagt er zorg voor, dat de in de onderneming werkzame personen die staan of gestaan hebben op een kandidatenlijst als bedoeld in artikel 9, alsmede de leden en de gewezen leden van de ondernemingsraad en van de commissies van die raad niet uit hoofde van hun kandidaatstelling of van hun lidmaatschap van de ondernemingsraad of van een commissie van die raad worden benadeeld in hun positie in de onderneming. Indien de ondernemer aan de ondernemingsraad een secretaris heeft toegevoegd is de eerste volzin op die secretaris van overeenkomstige toepassing. Op degene die het initiatief neemt of heeft genomen tot het instellen van een ondernemingsraad is de eerste volzin van overeenkomstige toepassing. De ondernemingsraad, alsmede iedere in de onderneming werkzame persoon als in de eerste tot en met derde volzin bedoeld, kan de kantonrechter verzoeken te bepalen dat de ondernemer gevolg dient te geven aan hetgeen in de eerste tot en met derde volzin is bepaald. Ten aanzien van personen die krachtens publiekrechtelijke aanstelling in de onderneming werkzaam zijn, treedt een andere kamer van de rechtbank in de plaats van de kantonrechter.

Dit artikel verwijst naar:

Recente uitspraken

Art. 21 WOR is sinds 2000 in 13 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Oost-Brabant, Rb. Rotterdam en CRvB.

  • ECLI:NL:HR:2000:AA5319 — 31-03-2000 Hoge Raad
    -
  • ECLI:NL:CRVB:2013:BY7860 — 03-01-2013 CRvB
    Strafbesluiten OR-leden inhoudende de disciplinaire straf van berisping. Benadeling als bedoeld in art. 21 WOR? Bij benadelingsgeschillen in de overheidssector is de administratieve kamer van de rechtbank en in hoger beroep de CRvB bevoegd. De OR is belanghebbende in de zin van…
  • ECLI:NL:GHAMS:2025:1877 — 15-07-2025 Hof Amsterdam
    OK, Wet medezeggenschap scholen. Beroep gegrond.
  • ECLI:NL:GHSHE:2014:2236 — 22-07-2014 Hof 's-Hertogenbosch
    aanspraak op doorbetaling variabele looncomponent gedurende opzegtermijn statutair directeur?
  • ECLI:NL:RBZWB:2025:375 — 20-01-2025 Rb. Zeeland-West-Brabant
    De OR van de PI Middelburg is het niet eens over hoe PI Middelburg Artikel 17.2.1 van het personeelsreglement (versie 3) toepast. In dit artikel is bepaald wanneer een OR-lid recht heeft op een periodieke medezeggenschaps- en vakbondsvrijgesteldentoelage (MZ/VB). De…

Bekijk alle 13 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.