Artikel 57 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering

Lid 1

De uitkering, de loonsuppletie, bedoeld in artikel 65c, en de inkomenssuppletie, bedoeld in artikel 65d, die als gevolg van een beschikking als bedoeld in artikel 36a onverschuldigd is betaald, alsmede hetgeen anderszins onverschuldigd is betaald, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen teruggevorderd.

Lid 2

De uitkering die onverschuldigd aan de werkgever is betaald, wordt door het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen van de werkgever teruggevorderd, indien de werkgever de uitkering op grond van artikel 629, vijfde lid, van Boek 7 van het Burgerlijk Wetboek in mindering heeft kunnen brengen op het loon.

Lid 3

In afwijking van het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten van terugvordering of van verdere terugvordering af te zien, indien degene van wie wordt teruggevorderd:

  1. gedurende vijf jaar volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan;

  2. gedurende vijf jaar niet volledig aan zijn betalingsverplichtingen heeft voldaan, maar het achterstallige bedrag over die periode, vermeerderd met de daarover verschuldigde wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten, alsnog heeft betaald;

  3. gedurende vijf jaar geen betalingen heeft verricht en niet aannemelijk is dat hij deze op enig moment zal gaan verrichten; of

  4. een bedrag, overeenkomend met ten minste 50% van de restsom in één keer aflost.

Lid 4

De in het derde lid, onderdelen a, b en c, genoemde termijn is tien jaar indien de terugvordering het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 80.

Lid 5

De in het derde lid, onder a en b, genoemde termijn is drie jaar indien:

  1. het gemiddeld inkomen van de belanghebbende in die periode de beslagvrije voet bedoeld in de artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering niet te boven is gegaan; en

  2. de terugvordering niet het gevolg is van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 80.

Lid 6

Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen besluiten geheel of gedeeltelijk van terugvordering af te zien.

Lid 7

Degene van wie wordt teruggevorderd is verplicht desgevraagd aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen de inlichtingen te verstrekken die voor de terugvordering van belang zijn.

Lid 8

In afwijking van het eerste lid kan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onder voorwaarden die Onze Minister kan stellen, besluiten van terugvordering af te zien indien het terug te vorderen bedrag een door Onze Minister vast te stellen bedrag niet te boven gaat.

Recente uitspraken

Art. 57 WAO is sinds 1990 in 44 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door CRvB, Rb. Amsterdam en Rb. Haarlem.

  • ECLI:NL:CRVB:2026:1330 — 08-10-2026 CRvB
    Verrekening, intrekking en terugvordering toeslag en WAO-uitkering. Appellante heeft in strijd met haar inlichtingenplicht niet aan het Uwv doorgegeven dat zij inkomsten had uit werk als zelfstandige. Dit betekent dat de anticumulatie van inkomsten op grond van artikel 44 van de…
  • ECLI:NL:CRVB:2026:497 — 23-04-2026 CRvB
    Inkomsten uit arbeid in mindering gebracht op WAO-uitkering. Kortingsartikel 44 WAO. Voldoende aannemelijk dat in beoordelingsperiode werkzaamheden zijn verricht die als loonvormende arbeid kunnen worden aangemerkt. Betrokkene heeft zelf geen inkomsten genoten maar heeft wel…
  • ECLI:NL:CRVB:2025:460 — 26-03-2025 CRvB
    Anticumulatie inkomsten en terugvordering WAO-uitkering. Appellante heeft als zelfstandige gewerkt en de inkomsten niet doorgegeven. De WAO-uitkering van appellante wordt over de periode van 1 januari 2016 tot en met 30 september 2019 onder toepassing van art. 44 WAO…
  • ECLI:NL:CRVB:2025:123 — 08-01-2025 CRvB
    Besluit tot anticumulatie en terugvordering van onverschuldigd betaalde WAO-uitkering van appellant in verband met genoten inkomsten uit arbeid. Geen dringende redenen om af te zien van terugvordering. De Raad komt tot de conclusie dat het door het Uwv nader genomen besluit op…
  • ECLI:NL:CRVB:2023:2086 — 10-11-2023 CRvB
    Conclusie van raadsheer advocaat-generaal De Bock over buitenwettelijk beleid. De Beleidsregels schorsing, intrekking en herziening uitkeringen 2006 van het Uwv zijn volgens raadsheer advocaat-generaal De Bock geen buitenwettelijke, maar binnenwettelijke beleidsregels. De…

Bekijk alle 44 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.