Artikel 30 Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering
Lid 1
Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen is bevoegd met betrekking tot uit deze wet voortvloeiende aanspraken geheel of ten dele, tijdelijk of blijvend, buiten aanmerking te laten:
algehele arbeidsongeschiktheid, welke bestond op het tijdstip, dat de verzekering een aanvang nam;
arbeidsongeschiktheid, welke binnen een half jaar na het tijdstip, dat de verzekering een aanvang nam, is ingetreden, terwijl de gezondheidstoestand van de betrokkene ten tijde van de aanvang van zijn verzekering het intreden van arbeidsongeschiktheid binnen een half jaar kennelijk moest doen verwachten.
Lid 2
Het eerste lid blijft buiten toepassing ten aanzien van degene die onmiddellijk voorafgaande aan het tijdstip, waarop de verzekering een aanvang nam, ononderbroken onbetaald verlof, tot een maximum van achttien maanden, heeft genoten, behoudens voorzover het betreft arbeidsongeschiktheid in de zin van het eerste lid, die bestond op de dag, voorafgaande aan de eerste dag van dit verlof. Als ononderbroken onbetaald verlof wordt aangemerkt perioden van onbetaald verlof die elkaar met een onderbreking van minder dan een maand opvolgen.
Lid 3
De in het eerste lid, onder b, bedoelde bevoegdheid strekt zich mede uit tot toeneming van de arbeidsongeschiktheid, voor zover deze toeneming kennelijk is voortgekomen uit dezelfde oorzaak als de arbeidsongeschiktheid, welke binnen een half jaar na de aanvang van de verzekering is ingetreden.
Lid 4
Het bepaalde in het eerste lid, onder b, blijft buiten toepassing ten aanzien van degene, die onmiddellijk voorafgaande aan het tijdstip, dat de verzekering een aanvang nam, in verband met het bepaalde in artikel 6, eerste lid, onder a of b, niet verzekerd was.
Lid 5
Onze Minister kan met betrekking tot de bij dit artikel aan het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen gegeven bevoegdheid nadere regelen stellen.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 30 WAO is sinds 2005 in 6 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door CRvB.
- ECLI:NL:CRVB:2025:1264 — 21-08-2025 CRvB
De Raad doet uitspraak in de hoofdzaak. WAO-uitkering terecht niet met verdere terugwerkende kracht per 23 oktober 2002 toegekend. Zoals deze Raad eerder heeft geoordeeld, bijvoorbeeld in de uitspraak van 26 maart 2020 brengt artikel 4:6 van de Awb, noch enig rechtsbeginsel mee… - ECLI:NL:CRVB:2010:BL0382 — 15-01-2010 CRvB
Geen recht op WIA-uitkering, primair op de grond dat de klachten waarmee appellant is uitgevallen al bestonden bij aanvang van de verzekering. Uit de parlementaire geschiedenis van art. 43 WIA leidt de Raad af, dat de wetgever voor de toepassing van de uitsluitingsgrond onder c.… - ECLI:NL:CRVB:2009:BH9169 — 27-03-2009 CRvB
Reikwijdte artikel 18, lid 2 WAO. - ECLI:NL:CRVB:2009:BG9931 — 13-01-2009 CRvB
1)Weigering WAO-uitkering toe te kennen. De Raad ziet aanleiding een deskundige te benoemen. Appellant is de op hem ingevolge art. 8:30 Awb rustende verplichting om aan dit onderzoek mee te werken niet nagekomen. Geen medische verklaring, die aannemelijk maakt dat hij niet in… - ECLI:NL:CRVB:2007:BB9037 — 29-11-2007 CRvB
Beroep van werkgeefster tegen toekenning WAO-uitkering aan werkneemster. Voldoende zorgvuldig onderzoek naar bestaan arbeidsongeschiktheid op 17-jarige leeftijd? WAJONG-beoordeling?
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.