Artikel 13a Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Lid 1
De kantonrechter is bij uitsluiting bevoegd een partij te veroordelen in de kosten die een andere partij in verband met de behandeling van het beroep bij de rechtbank, en van het bezwaar of van het administratief beroep redelijkerwijs heeft moeten maken. De artikelen 7:15, tweede tot en met vierde lid, en 7:28, tweede, vierde en vijfde lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van toepassing. Een natuurlijke persoon kan slechts in de kosten worden veroordeeld in geval van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht. Het Besluit proceskosten bestuursrecht is van overeenkomstige toepassing.
Lid 2
Het bedrag dat strekt tot vergoeding van de kosten, bedoeld in het eerste lid, na toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht, wordt, voor zover die kosten betrekking hebben op door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand en geen sprake is van bijzondere omstandigheden als bedoeld in dat besluit, vermenigvuldigd met:
0,25 indien de kosten zijn gemaakt in verband met de behandeling van het administratief beroep dan wel het beroep bij de rechtbank waarbij de bestreden administratieve sanctie wordt vernietigd of het sanctiebedrag wordt gewijzigd;
0,1 in alle overige gevallen.
Lid 3
Onverminderd het vijfde lid vinden uitbetalingen ingevolge een beslissing op het administratief beroep of uitspraak op beroep op grond van deze wet uitsluitend plaats op een bankrekening die op naam staat van degene tot wie de beschikking waarbij de administratieve sanctie is opgelegd, is gericht.
Lid 4
Vorderingen tot uitbetaling als bedoeld in het derde lid zijn niet vatbaar voor vervreemding of verpanding.
Lid 5
In geval van een veroordeling in de kosten ten behoeve van een partij aan wie ter zake van het beroep bij de kantonrechter, het bezwaar of het administratief beroep een toevoeging is verleend krachtens de Wet op de rechtsbijstand, wordt het bedrag van de kosten betaald aan de rechtsbijstandverlener. De rechtsbijstandverlener stelt de belanghebbende zoveel mogelijk schadeloos voor de door deze voldane eigen bijdrage. De rechtsbijstandverlener doet aan de Raad voor rechtsbijstand opgave van een kostenvergoeding door het bestuursorgaan.
Lid 6
In geval van een veroordeling in de kosten ten behoeve van de indiener van het beroepschrift worden de kosten door de Staat der Nederlanden vergoed.
Dit artikel verwijst naar:
Recente uitspraken
Art. 13a Wahv is sinds 2003 in 142 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Zeeland-West-Brabant, Rb. Amsterdam en Hof Arnhem-Leeuwarden.
- ECLI:NL:HR:2025:985 — 24-06-2025 Hoge Raad
Cassatie in het belang van de wet. Korting proceskostenvergoeding i.g.v. rechtsbijstand o.b.v. “no cure no pay”, art. 13a.2 Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften. Levert art. 13a.2 Wahv strijd op met discriminatieverbod a.b.i. art. 14 EVRM jo. art. 1… - ECLI:NL:HR:2024:1012 — 09-07-2024 Hoge Raad
Cassatie in het belang van de wet. Aanspraak op proceskostenvergoeding voor administratiefberoepsfase in Wet Mulder zaken indien na opleggen van sanctie, maar terwijl beroepsprocedure aanhangig is, sanctiebedrag zoals dat is toegepast door ambtenaar die bevoegd is tot oplegging… - ECLI:NL:HR:2020:563 — 07-04-2020 Hoge Raad
Cassatie in het belang van de wet. Aanspraak op proceskostenvergoeding in Wet Mulder zaken. Hof heroverweegt zijn vaste jurisprudentie door aansluiting te zoeken bij regeling van art. 591a Sv i.p.v. bij jurisprudentie van bestuursrechters t.a.v. art. 8:75 Awb. Is ‘s hofs… - ECLI:NL:GHARL:2026:6329 — 07-10-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
Meervoudig arrest. Overschrijding van de redelijke termijn van berechting. Het hof ziet geen aanleiding om de lijn waarbij het sanctiebedrag wordt gematigd bij overschrijding van de redelijke termijn van berechting los te laten. Het hof maakt in Wahv-zaken een andere afweging… - ECLI:NL:GHARL:2026:6143 — 24-09-2026 Hof Arnhem-Leeuwarden
Structurele schending hoorplicht. Dat de schending van de hoorplicht de enige beroepsgrond is, vormt geen aanleiding om af te zien van matiging van het sanctiebedrag. Met de schending van de hoorplicht als zodanig is de betrokkene reeds getroffen in zijn belang.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.