Artikel 12 Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften
Lid 1
De kantonrechter stelt, alvorens te beslissen, partijen in de gelegenheid om op een door de kantonrechter bepaalde dag en uur op een openbare zitting hun zienswijze nader toe te lichten. Zij worden daartoe door de griffier opgeroepen. De oproep aan degene die het beroep heeft ingesteld wordt gericht aan het in het beroepschrift vermelde adres.
Lid 2
Degene die het beroep heeft ingesteld, kan zich ter zitting doen bijstaan of doen vertegenwoordigen door een advocaat of door een daartoe schriftelijk door hem gemachtigde.
Lid 3
Ter zitting kunnen getuigen en deskundigen worden meegebracht, ten einde door de kantonrechter te worden gehoord. Deze kan ambtshalve of op verzoek ook andere personen als getuige of deskundige horen.
Lid 4
De kantonrechter kan bevelen, dat getuigen niet zullen worden gehoord en tolken niet tot de uitoefening van hun taak zullen worden toegelaten dan na het afleggen van de eed of belofte.
Lid 5
Zij leggen in dat geval ten overstaan van hem de eed of belofte af; de getuigen: dat zij zullen zeggen de gehele waarheid en niets dan de waarheid; de tolken: dat zij hun plichten als tolk met nauwkeurigheid zullen vervullen. De deskundigen zijn verplicht hun taak onpartijdig en naar beste weten te verrichten.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 12 Wahv is sinds 2018 in 14 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Rb. Den Haag en Rb. Gelderland.
- ECLI:NL:GHARL:2024:3707 — 03-06-2024 Hof Arnhem-Leeuwarden
Artikel 5 Wahv. Op basis van het dossier en gelet op het gevoerde verweer bestaat er bij het hof gerede twijfel of de betrokkene - aan wie de sanctie als bestuurder is opgelegd - daadwerkelijk de bestuurder is geweest. De sanctiebeschikking wordt vernietigd. - ECLI:NL:GHARL:2023:10661 — 15-12-2023 Hof Arnhem-Leeuwarden
1. Klacht over het niet verstrekken van stukken. 2. Klacht over de rechtsgeldigheid van de vaak in relatie tot boetes gebruikte term "Bij de Gratie Gods" behoeft geen bespreking, nu deze term niet op de inleidende beschikking is vermeld. - ECLI:NL:GHARL:2022:3630 — 09-05-2022 Hof Arnhem-Leeuwarden
Dwangsom. Artikel 4:19 Awb. Bezwaren tegen het niet vaststellen van de verschuldigdheid van de dwangsom en/of de hoogte ervan, kunnen alleen worden beoordeeld wanneer er sprake is van een (ontvankelijk) beroep tegen de (inhoudelijke) beslissing van de officier van justitie. - ECLI:NL:GHARL:2022:1392 — 23-02-2022 Hof Arnhem-Leeuwarden
Artikel 4:87 Awb. Een 'termijn van zes tot acht weken' is een 'later moment' in de zin van deze bepaling. - ECLI:NL:GHARL:2021:9905 — 20-10-2021 Hof Arnhem-Leeuwarden
Meervoudig arrest. Artikel 8 EVRM. Het hof oordeelt anders dan voorheen dat het verzamelen, verwerken en opslaan van tot kentekenhouders herleidbare gegevens en foto's door flitspalen een inmenging is in het recht van de betrokken persoon op respectering van zijn privéleven in…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.