Artikel 28 Wetboek van Strafrecht

Lid 1

De rechten waarvan de schuldige, in de bij de wet bepaalde gevallen, bij rechterlijke uitspraak kan worden ontzet, zijn:

  1. het bekleden van ambten of van bepaalde ambten;

  2. het dienen bij de gewapende macht;

  3. het recht de leden van algemeen vertegenwoordigende organen te verkiezen en tot lid van deze organen te worden verkozen;

  4. het zijn van raadsman of gerechtelijk bewindvoerder;

  5. de uitoefening van bepaalde beroepen.

Lid 2

Ontzetting van leden van de rechterlijke macht die, hetzij voor hun leven, hetzij voor een bepaalde tijd, zijn aangesteld, of van andere voor hun leven aangestelde ambtenaren, geschiedt, ten opzichte van het ambt waartoe zij aldus zijn aangesteld, alleen in de gevallen en op de wijze bij de wet bepaald.

Lid 3

Ontzetting van het recht bedoeld in het eerste lid, onder 3°, kan alleen worden uitgesproken bij veroordeling tot gevangenisstraf van ten minste een jaar.

Lid 4

De rechter kan aan een krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen reclasseringsinstelling opdracht geven toezicht te houden op de naleving door de veroordeelde van de ontzetting van het recht om ambten of bepaalde ambten te bekleden en het recht om bepaalde beroepen uit te oefenen.

Recente uitspraken

Art. 28 Sr is sinds 2005 in 198 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Overijssel, Rb. Amsterdam en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:HR:2026:421 — 17-03-2026 Hoge Raad
    Mensensmokkel van 15 vluchtelingen door hen in uitoefening van beroep behulpzaam te zijn bij hun illegale verblijf in Nederland door juridisch adviseur op gebied van asielrecht (art. 197a.2 jo. 197a.4 Sr). Vrijspraak in eerste aanleg t.a.v. 1 vluchteling. 1. Bewijsklachten. 2.…
  • ECLI:NL:HR:2025:450 — 25-03-2025 Hoge Raad
    Medeplegen opzettelijk doen van onjuiste aangiften omzetbelasting, meermalen gepleegd (art. 69.2 AWR) en als bestuurder van vennootschap opzettelijk onjuiste stukken openbaar maken, meermalen gepleegd (art. 336 Sr). Bijkomende straf van ontzetting uit beroep bij rechtspersoon,…
  • ECLI:NL:HR:2024:1400 — 15-10-2024 Hoge Raad
    Ontucht door als masseur en heler/behandelaar van vrouwen met (seksuele) trauma’s tijdens behandelsessies/massages ongevraagd en ongewenst seksuele handelingen bij hen te verrichten, art. 249.2.3 Sr. 1. Discrepantie tussen strafoplegging en strafmotivering, duur van ontzetting…
  • ECLI:NL:HR:2024:765 — 18-06-2024 Hoge Raad
    Als penningmeester van stichting verduisteren van gelden, meermalen gepleegd (art. 321 Sr) en opzettelijk gebruik maken van vals geschrift, meermalen gepleegd, door vervalste facturen en rekeningafschriften te overleggen ten behoeve van verwerking in boekhouding (art. 225.2 Sr).…
  • ECLI:NL:HR:2023:1767 — 19-12-2023 Hoge Raad
    (Medeplegen) valsheid in geschrift door als medewerker bij notariskantoor diverse stukken te vervalsen, art. 225.1 en 225.2 Sr. Motivering bijkomende straf (ontzetting van recht tot uitoefening van beroep van kandidaat-notaris, notarisklerk, notarieel medewerker en anderszins…

Bekijk alle 198 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.