Artikel 27 Wetboek van Strafrecht

Lid 1

Bij het opleggen van tijdelijke gevangenisstraf, hechtenis of taakstraf beveelt de rechter, dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van de uitspraak in verzekering, in voorlopige hechtenis, in gijzeling ingevolge artikel 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering, in een psychiatrisch ziekenhuis of een instelling voor klinische observatie bestemd ingevolge een bevel tot observatie of in detentie in het buitenland ingevolge een Nederlands verzoek om uitlevering of om overlevering is doorgebracht, bij de uitvoering van die straf geheel in mindering zal worden gebracht. Indien hij dit bevel geeft terzake van een taakstraf, bepaalt hij in zijn uitspraak volgens welke maatstaf de aftrek zal geschieden. Het vorenstaande blijft buiten toepassing voor zover die tijd reeds met toepassing van artikel 68, eerste lid, laatste volzin, van het Wetboek van Strafvordering in mindering is gebracht op een andere vrijheidsstraf die de veroordeelde heeft ondergaan.

Lid 2

Bij het berekenen van de in mindering te brengen tijd geldt de eerste dag van de verzekering als een volle dag en blijft de dag waarop zij is geëindigd buiten beschouwing.

Lid 3

De rechter kan een overeenkomstig bevel geven bij het opleggen van geldboete. Indien hij dit bevel geeft, bepaalt hij in zijn uitspraak volgens welke maatstaf de aftrek zal geschieden.

Lid 4

De voorgaande leden van dit artikel zijn ook van toepassing in gevallen waarin, bij gelijktijdige vervolging wegens twee of meer feiten, de veroordeling wordt uitgesproken ter zake van een ander feit dan dat waarvoor de verzekering , de voorlopige hechtenis of de gijzeling ingevolge artikel 6:6:25 van het Wetboek van Strafvordering is bevolen.

Recente uitspraken

Art. 27 Sr is sinds 1922 in 4139 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hof 's-Hertogenbosch en Hof Arnhem-Leeuwarden.

  • ECLI:NL:HR:2026:1351 — 18-08-2026 Hoge Raad
    Economische zaak. Witwassen van geldbedrag (art. 420bis.1.b Sr), medeplegen voorhanden hebben van grote hoeveelheden professioneel vuurwerk bestemd voor particulier gebruik (art. 1.2.2.1 Vuurwerkbesluit jo. 9.2.2.1 Wet milieubeheer), voorhanden hebben van munitie (art. 26.1 WWM)…
  • ECLI:NL:HR:2026:690 — 21-04-2026 Hoge Raad
    Oplichting, meermalen gepleegd (art. 326.1 Sr), en verduistering, meermalen gepleegd (art. 321 Sr). Strafmotivering (gevangenisstraf van 57 maanden). Heeft hof in strijd met art. 57 en 63 Sr bij strafoplegging niet betrokken dat verdachte door hof ’s-Hertogenbosch op 9-2-2021 is…
  • ECLI:NL:HR:2026:482 — 24-03-2026 Hoge Raad
    Moord op haar 11-jarige zoontje door hem in 2020 in Zevenbergen medicijnen toe te dienen (art. 289 Sr) en opzettelijk in hulpeloze toestand brengen en laten van haar zoontje met dood tot gevolg (art. 255 jo. 257.2 Sr). Aftrek van voorarrest in geval van schorsing van voorlopige…
  • ECLI:NL:HR:2026:50 — 13-01-2026 Hoge Raad
    Medeplegen (poging tot) diefstal door middel van braak (meermalen gepleegd), art. 311.1 Sr. Strafoplegging (gevangenisstraf van 156 dagen en voorwaardelijke gevangenisstraf van 3 maanden), art. 57.1 Sr. Had hof o.g.v. art. 57.1 Sr 1 straf moeten opleggen? HR: Om redenen vermeld…
  • ECLI:NL:HR:2025:1872 — 09-12-2025 Hoge Raad
    Vervoeren van cocaïne en heroïne, art. 2.B Opiumwet. Verzuim ex art. 27.1 Sr aftrek op taakstraf toe te passen, belang bij cassatie. Heeft hof verzuimd aftrek van art. 27.1 Sr te bevelen t.a.v. taakstraf die naast deels voorwaardelijke gevangenisstraf aan verdachte is opgelegd,…

Bekijk alle 4139 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.