Artikel 4 Richtlijn grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over verkeersovertredingen (EU) 2015/413
Procedures voor de uitwisseling van voertuigregistratiegegevens en wederzijdse bijstand tussen lidstaten
Voor onderzoeken van de in artikel 2, lid 1, vermelde verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen die zijn vastgesteld in de lidstaat van de overtreding, verleent de lidstaat van inschrijving de nationale contactpunten van de lidstaat van de overtreding toegang tot de volgende nationale voertuigregistratiegegevens, met de bevoegdheid geautomatiseerde zoekopdrachten uit te voeren:
gegevens met betrekking tot voertuigen;
gegevens met betrekking tot houders en, indien beschikbaar, eigenaren en eindgebruikers van voertuigen.
De in de punten a) en b) van de eerste alinea bedoelde gegevenselementen die nodig zijn voor het uitvoeren van een zoekopdracht zijn de in de bijlage vastgelegde gegevenselementen.
De lidstaat van de overtreding zorgt ervoor dat alleen zijn bevoegde autoriteiten toegang hebben tot de voertuigregistratiegegevens via zijn nationale contactpunten. Bij het uitvoeren van een zoekopdracht in de vorm van een uitgaand verzoek gebruikt de bevoegde autoriteit van de lidstaat van de overtreding het volledige kenteken van het voertuig.
De bevoegde autoriteit van de lidstaat van de overtreding zorgt ervoor dat elk uitgaand verzoek de naam van de bevoegde autoriteit waarvan het verzoek uitgaat, de gebruikersnaam van de persoon die het verzoek behandelt en het zaaknummer van het verzoek bevat.
Om vast te stellen of een relevante verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertreding met een bepaald voertuig is begaan, kan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van de overtreding, via haar nationale contactpunt, eerst om toegang verzoeken tot in afdeling 2, delen I en II, van de bijlage vermelde technische gegevens met betrekking tot voertuigen, en alleen tot die technische gegevens.
Indien is vastgesteld dat een verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertreding met een bepaald voertuig is begaan, kan de bevoegde autoriteit van de lidstaat van de overtreding, via haar nationale contactpunt, om toegang verzoeken tot de persoonsgegevens betreffende de betrokkenen, zoals genoemd in afdeling 2, deel I en delen III tot en met VI, van de bijlage.
De lidstaat van de overtreding gebruikt de bij het onderzoek van de in artikel 2, lid 1, genoemde verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen verkregen gegevens om de identiteit van de persoon vast te stellen die aansprakelijk is voor die verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen overeenkomstig het recht van de lidstaat van de overtreding.
Het nationale contactpunt van de lidstaat van inschrijving zorgt ervoor dat de bevoegde autoriteiten van de lidstaat van de overtreding bij het raadplegen van voertuigregistratiegegevens ten minste in de volgende gevallen een specifiek bericht ontvangen waarin hun wordt meegedeeld dat:
het voertuig op het moment van de overtreding als vernietigd geregistreerd stond;
het voertuig op het moment van de overtreding in een nationaal register stond geregistreerd als gestolen;
de kentekenplaat van het voertuig op het moment van de overtreding in een nationaal register stond geregistreerd als gestolen;
er op het moment van de overtreding geen informatie over het voertuig in een nationaal register te vinden is;
de zoekgegevens op basis van bepaalde nationale syntaxisvoorschriften onjuist blijken te zijn;
de gevraagde informatie niet bekend kan worden gemaakt indien die de identiteit zou onthullen van een persoon die bescherming geniet overeenkomstig het recht van de lidstaat van inschrijving.
Het nationale contactpunt van de lidstaat van inschrijving zorgt ervoor dat alleen de elementen van de persoonsgegevens worden gedeeld die betrekking hebben op de verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertreding die is begaan.
In het kader van wederzijdse bijstand overeenkomstig artikel 5 quater, 5 sexies of 5 septies zien de bevoegde autoriteiten van de lidstaten erop toe dat elk verzoek om wederzijdse bijstand de naam van de bevoegde autoriteit waarvan het verzoek uitgaat, de gebruikersnaam van de persoon die het verzoek behandelt, en het zaaknummer van het verzoek bevat.
Geconsolideerde tekst van 19-01-2025 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.