Artikel 2 Richtlijn grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over verkeersovertredingen (EU) 2015/413

Toepassingsgebied

De richtlijn is van toepassing op de volgende verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen:

a) 

rijden met een te hoge snelheid;

b) 

niet dragen van een veiligheidsgordel;

c) 

niet stoppen voor een rood licht;

d) 

rijden onder invloed van drank;

e) 

rijden onder invloed van drugs;

f) 

niet dragen van een veiligheidshelm;

g) 

gebruiken van een verboden rijstrook;

h) 

illegaal gebruik van een mobiele telefoon of een ander communicatieapparaat tijdens het rijden;

i) 

niet aanhouden van een veilige afstand tot de voorligger;

j) 

gevaarlijk inhalen;

k) 

gevaarlijk parkeren of stoppen;

l) 

een of meer doorlopende lijnen overschrijden;

m) 

tegen de rijrichting in rijden;

n) 

niet naleven van de regels voor het creëren en gebruiken van noodcorridors of voor het verlenen van voorrang aan voertuigen van noodhulpdiensten;

o) 

gebruiken van een overbeladen voertuig;

p) 

niet naleven van de regels inzake toegangsbeperkingen voor voertuigen;

q) 

door- of wegrijden na een ongeval;

r) 

niet naleven van de regels bij een spoorwegovergang.

In afwijking van de eerste alinea, punt p), is deze richtlijn in de volgende gevallen niet van toepassing op gedragingen die de regels inzake toegangsbeperkingen voor voertuigen niet naleven:

a) 

er zijn geen informatie over de zonale afbakening van beperkingen, verboden of verplichtingen, actuele toegangsstatus en voorwaarden voor verkeer in zones met toegangsbeperkingen voor voertuigen, noch gegevens over permanente toegangsbeperkingen voor voertuigen gecreëerd en toegankelijk gemaakt via het nationale toegangspunt overeenkomstig Gedelegeerde Verordening (EU) 2022/670 van de Commissie ();

b) 

de bestuurder leeft de regels niet na met betrekking tot heffingen en andere vergoedingen die moeten worden betaald vóór het betreden van zones waar toegangsbeperkingen voor voertuigen gelden.

2.

Deze richtlijn doet geen afbreuk aan de rechten en verplichtingen die voortvloeien uit de volgende bepalingen van rechtshandelingen van de Unie:

a) 

Kaderbesluit 2005/214/JBZ van de Raad ();

b) 

Richtlijn 2014/41/EU van het Europees Parlement en de Raad ();

c) 

de procedures voor de uitreiking van gerechtelijke stukken die zijn vastgelegd in artikel 5 van de door de Raad overeenkomstig artikel 34 van het Verdrag betreffende de Europese Unie vastgestelde Overeenkomst betreffende de wederzijdse rechtshulp in strafzaken tussen de lidstaten van de Europese Unie ();

d) 

de bepalingen betreffende de rechten van verdachten en beklaagden die zijn vastgelegd in de Richtlijnen 2010/64/EU (), 2012/13/EU (), 2013/48/EU (), (EU) 2016/343 (), (EU) 2016/800 () en (EU) 2016/1919 () van het Europees Parlement en de Raad.

Geconsolideerde tekst van 19-01-2025 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.