Art. 7:391 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

Indien toepassing is gegeven aan artikel 389 wordt de pachtovereenkomst in afwijking van artikel 325 telkens met zes jaren verlengd.

Lid 2

De rechter kan de in artikel 370 bedoelde vordering, behalve op de daar bedoelde gronden, ook toewijzen op de grond dat de verpachter met betrekking tot de instandhouding of ontwikkeling van de op het land aanwezige waarden van natuur en landschap een zodanig beheer wil voeren dat verdere verpachting hiermee niet in overeenstemming is. Bij alle toewijzingsgronden houdt hij rekening met de billijkheid in verband met de bijzondere aard van de pachtovereenkomst.

Recente uitspraken

Art. 7:391 BW is sinds 2023 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Rb. Noord-Holland en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:GHARL:2025:2173 — 08-04-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Art. 7:391 BW: geen ontbinding van reservaatpacht. Voor reservaatpacht is vereist dat een beheervergoeding is bedongen en dat voldoende duidelijk is welke vergoeding is bedongen. Art. 7:370 lid 1 onder c BW, belangenafweging valt in voordeel van pachter uit. Art. 7:370 lid 1…
  • ECLI:NL:RBROT:2023:11605 — 01-12-2023 Rb. Rotterdam
    Pachtzaak. Vordering tot beëindiging van de pachtovereenkomst wordt afgewezen. Ook de vordering tot ontbinding van de pachtovereenkomst wordt afgewezen. Reservaatpacht, belangenafweging.
  • ECLI:NL:RBNHO:2023:738 — 19-01-2023 Rb. Noord-Holland
    Vordering verpachter (ontbinding pachtovereenkomst) toegewezen, omdat pachter het perceel (circa 65 ha) niet langer gebruikt voor de uitoefening van de landbouw. Opfokken van paarden (niet zijn eigendom) tegen een dagvergoeding is géén bedrijfsmatige landbouw. Van andere…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.