Art. 7:389 Burgerlijk Wetboek Boek 7

Lid 1

In een pachtovereenkomst met betrekking tot een hoeve of los land gelegen in een reservaat, kunnen een of meer verplichtingen worden opgenomen welke ten doel hebben de opzet en de bedrijfsvoering te richten op het behoud van natuur en landschap.

Lid 2

Niet als buitensporige verplichtingen als bedoeld in artikel 319, eerste lid, onderdeel b, worden die verplichtingen aangemerkt:

  1. die deel uitmaken van een pachtovereenkomst gesloten met betrekking tot door de Staat of een bij koninklijk besluit aangewezen particuliere terreinbeherende natuurbeschermingsorganisatie in eigendom dan wel erfpacht verworven percelen, gelegen in een reservaat,

  2. die gewenst zijn in verband met de instandhouding of ontwikkeling van de op het land aanwezige waarden van natuur en landschap en

  3. waarvoor bij de overeenkomst een vergoeding wordt bedongen.

Recente uitspraken

Art. 7:389 BW is sinds 2012 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Arnhem-Leeuwarden, Rb. Leeuwarden en Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:GHARL:2025:2173 — 08-04-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Art. 7:391 BW: geen ontbinding van reservaatpacht. Voor reservaatpacht is vereist dat een beheervergoeding is bedongen en dat voldoende duidelijk is welke vergoeding is bedongen. Art. 7:370 lid 1 onder c BW, belangenafweging valt in voordeel van pachter uit. Art. 7:370 lid 1…
  • ECLI:NL:RBROT:2023:11605 — 01-12-2023 Rb. Rotterdam
    Pachtzaak. Vordering tot beëindiging van de pachtovereenkomst wordt afgewezen. Ook de vordering tot ontbinding van de pachtovereenkomst wordt afgewezen. Reservaatpacht, belangenafweging.
  • ECLI:NL:RBLEE:2012:BV3443 — 10-02-2012 Rb. Leeuwarden
    Pachtzaak. Afwijzing vordering van It Fryske Gea tot verklaring voor recht dat het een pachter niet is toegestaan om in het weideseizoen vee in het gepachte buitendijkse gebied bij te voeren.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.