Hoofdstuk III. Erkenning en tenuitvoerlegging

Artikel 36

1.

Een in een lidstaat gegeven beslissing wordt in de overige lidstaten erkend zonder vorm van proces.

2.

Iedere belanghebbende partij kan overeenkomstig de procedure als voorzien in afdeling 3, onderafdeling 2, om een beslissing verzoeken, dat er geen gronden voor weigering van de erkenning als bedoeld in artikel 45 zijn.

3.

Wordt voor een gerecht van een lidstaat de weigering van erkenning bij wege van tussenvordering gevraagd, dan is dit gerecht bevoegd om van de vordering kennis te nemen.

Artikel 37

1.

Een partij die in een lidstaat een in een andere lidstaat gegeven beslissing wenst in te roepen, legt de volgende stukken over:

a)

een afschrift van de beslissing dat aan de voorwaarden voldoet om de echtheid ervan te kunnen vaststellen, en

b)

het krachtens artikel 53 afgegeven certificaat.

2.

In voorkomend geval kan het gerecht of de autoriteit waarvoor een in een andere lidstaat gegeven beslissing wordt ingeroepen, de partij die de beslissing inroept, verzoeken een vertaling of een transliteratie van de inhoud van het in lid 1, onder b), bedoelde certificaat te verstrekken, in overeenstemming met artikel 57. Het gerecht of de autoriteit kan de partij verzoeken om in plaats van een vertaling van de inhoud van het certificaat een vertaling van de beslissing te verstrekken, indien het gerecht of de autoriteit de procedure niet kan voortzetten zonder een dergelijke vertaling.

Artikel 38

Het gerecht of de autoriteit waarvoor een in een andere lidstaat gegeven beslissing wordt ingeroepen, kan de procedure geheel of gedeeltelijk schorsen indien:

a)

de beslissing in de lidstaat van herkomst wordt aangevochten, of

b)

om een beslissing is verzocht dat er geen gronden voor weigering van erkenning in de zin van artikel 45 zijn, dan wel om een beslissing dat de erkenning op een van die gronden geweigerd moet worden.



Artikel 39

Een in een lidstaat gegeven beslissing die in die lidstaat uitvoerbaar is, is in andere lidstaten uitvoerbaar zonder dat een verklaring van uitvoerbaarheid is vereist.

Artikel 40

Een uitvoerbare beslissing houdt van rechtswege de bevoegdheid in bewarende maatregelen te treffen die zijn voorzien in het recht van de aangezochte lidstaat.

Artikel 41

1.

Onder voorbehoud van het bepaalde in deze afdeling, wordt de procedure voor tenuitvoerlegging van in een andere lidstaat gegeven beslissingen beheerst door het recht van de aangezochte lidstaat. Een in een lidstaat gegeven beslissing die in de aangezochte lidstaat uitvoerbaar is, wordt er onder dezelfde voorwaarden ten uitvoer gelegd als een in de aangezochte lidstaat gegeven beslissing.

2.

Niettegenstaande het bepaalde in lid 1, zijn de in de aangezochte lidstaat wettelijk vastgestelde gronden voor weigering of voor schorsing van de tenuitvoerlegging van toepassing voor zover zij niet onverenigbaar zijn met de in artikel 45 genoemde gronden.

3.

De partij die om de tenuitvoerlegging van een in een andere lidstaat gegeven beslissing verzoekt, behoeft in de aangezochte lidstaat niet te beschikken over een postadres. Zij behoeft evenmin over een gemachtigde vertegenwoordiger in de aangezochte lidstaat te beschikken tenzij een dergelijke vertegenwoordiger ongeacht de nationaliteit of de woonplaats van de partijen verplicht is.

Artikel 42

1.

Met het oog op de tenuitvoerlegging in een lidstaat van een in een andere lidstaat gegeven beslissing, verstrekt de verzoeker aan de voor de tenuitvoerlegging bevoegde autoriteit:

a)

een afschrift van de beslissing dat aan de voorwaarden voldoet om de echtheid ervan te kunnen vaststellen, en

b)

het in overeenstemming met artikel 53 afgegeven certificaat, waaruit blijkt dat de beslissing uitvoerbaar is en dat een uittreksel van de beslissing bevat, alsook, in voorkomend geval, relevante informatie over de invorderbare kosten van de procedure en de berekening van rente.

2.

Met het oog op de tenuitvoerlegging in een lidstaat van een in een andere lidstaat gegeven beslissing waarbij voorlopige en bewarende maatregelen zijn gelast, verstrekt de verzoeker aan de voor de tenuitvoerlegging bevoegde autoriteit:

a)

een afschrift van de beslissing dat aan de voorwaarden voldoet om de echtheid ervan te kunnen vaststellen;

b)

het overeenkomstig artikel 53 afgegeven certificaat, dat een beschrijving van de maatregel bevat en waaruit blijkt dat:

i)

het gerecht bevoegd is om van het bodemgeschil kennis te nemen;

ii)

de beslissing in de lidstaat van herkomst uitvoerbaar is, en

c)

indien de maatregel werd gelast zonder dat de verweerder was opgeroepen, het bewijs dat de beslissing hem is betekend.

3.

Indien nodig kan de voor de tenuitvoerlegging bevoegde autoriteit, overeenkomstig artikel 57, van de verzoeker een vertaling of een transliteratie van de inhoud van het certificaat verlangen.

4.

De voor de tenuitvoerlegging bevoegde autoriteit kan van de verzoeker alleen een vertaling van de beslissing verlangen indien deze autoriteit de procedure niet kan voortzetten zonder een dergelijke vertaling.

Artikel 43

1.

Indien wordt verzocht om tenuitvoerlegging van een beslissing die in een andere lidstaat is gegeven, moet het krachtens artikel 53 afgegeven certificaat, voorafgaand aan de eerste uitvoeringsmaatregel, worden betekend aan de persoon jegens wie om de tenuitvoerlegging wordt verzocht. Het certificaat wordt vergezeld van de beslissing, indien de betekening aan die persoon nog niet heeft plaatsgevonden.

2.

Indien de persoon jegens wie om tenuitvoerlegging wordt verzocht zijn woonplaats heeft in een andere lidstaat dan de lidstaat van herkomst, kan hij, teneinde de tenuitvoerlegging aan te vechten, om een vertaling van de beslissing verzoeken indien de beslissing niet luidt in, noch vergezeld gaat van een vertaling in een van de volgende talen:

a)

een taal die hij begrijpt, of

b)

de officiële taal van de lidstaat waar hij zijn woonplaats heeft of, indien er in die lidstaat verscheidene officiële talen zijn, de officiële taal of een van de officiële talen van de plaats waar hij woonachtig is.

Indien op grond van de eerste alinea om vertaling van de beslissing wordt verzocht, mogen geen andere tenuitvoerleggingsmaatregelen dan bewarende maatregelen worden genomen totdat de vertaling beschikbaar is gesteld aan de persoon jegens wie tenuitvoerlegging is verzocht.

Dit lid is niet van toepassing indien de beslissing reeds in een van de in de eerste alinea bedoelde talen is betekend aan de persoon jegens wie om tenuitvoerlegging wordt verzocht, of vergezeld gaat van een vertaling in een van die talen.

3.

Dit artikel is niet van toepassing op de tenuitvoerlegging van een in een beslissing vervatte bewarende maatregel of indien degene die om de tenuitvoerlegging verzoekt, een bewarende maatregel in overeenstemming met artikel 40 vordert.

Artikel 44

1.

In het geval van een verzoek om weigering van tenuitvoerlegging van een beslissing op grond van afdeling 3, onderafdeling 2, kan het gerecht in de aangezochte lidstaat, op verzoek van de persoon jegens wie om tenuitvoerlegging wordt verzocht:

a)

de tenuitvoerleggingsprocedure tot bewarende maatregelen beperken;

b)

de tenuitvoerlegging afhankelijk maken van een door dat gerecht te bepalen zekerheid, of

c)

de tenuitvoerleggingsprocedure geheel of gedeeltelijk schorsen.

2.

De voor de tenuitvoerlegging bevoegde autoriteit in de aangezochte lidstaat schorst op verzoek van de persoon tegen wie om tenuitvoerlegging wordt verzocht, de tenuitvoerleggingsprocedure indien de uitvoerbaarheid van de beslissing in de lidstaat van herkomst is geschorst.





Artikel 45

1.

De erkenning van een beslissing wordt op verzoek van een belanghebbende partij geweigerd indien:

a)

de erkenning kennelijk strijdig is met de openbare orde (ordre public) van de aangezochte lidstaat;

b)

het stuk dat het geding inleidt of een gelijkwaardig stuk niet zo tijdig en op zodanige wijze is betekend aan de verweerder tegen wie verstek werd verleend, als met het oog op zijn verdediging nodig was, tenzij de verweerder tegen de beslissing geen rechtsmiddel heeft aangewend terwijl hij daartoe in staat was;

c)

de beslissing onverenigbaar is met een tussen dezelfde partijen in de aangezochte lidstaat gegeven beslissing;

d)

de beslissing onverenigbaar is met een eerdere beslissing die in een andere lidstaat of in een derde land tussen dezelfde partijen is gegeven in een geschil dat hetzelfde onderwerp betreft en op dezelfde oorzaak berust, mits de eerdere beslissing voldoet aan de voorwaarden voor erkenning in de aangezochte lidstaat;

e)

de beslissing in strijd is met:

i)

afdelingen 3, 4 of 5 van hoofdstuk II, in het geval dat de verweerder in de zaak de polishouder, de verzekerde, een begunstigde van de verzekeringsovereenkomst, de benadeelde partij, de consument of de werknemer is, of

ii)

afdeling 6 van hoofdstuk II.

2.

Bij de toetsing aan de in lid 1, onder e), genoemde bevoegdheidsregels is het aangezochte gerecht gebonden aan de feitelijke overwegingen op grond waarvan het gerecht van herkomst zijn bevoegdheid heeft aangenomen.

3.

Onverminderd lid 1, onder e), mag de bevoegdheid van het gerecht van herkomst niet worden getoetst. De bevoegdheidsregels betreffen niet de openbare orde als bedoeld in lid 1, onder a).

4.

Het verzoek tot weigering van erkenning wordt gedaan overeenkomstig de procedures van onderafdeling 2, en, waar passend, afdeling 4.



Artikel 46

Op verzoek van de persoon jegens wie om tenuitvoerlegging wordt verzocht, wordt de tenuitvoerlegging van een beslissing geweigerd wanneer een van de in artikel 45 genoemde gronden zich voordoet.

Artikel 47

1.

Het verzoek tot weigering van de tenuitvoerlegging wordt ingediend bij het gerecht dat de desbetreffende lidstaat overeenkomstig artikel 75, onder a), aan de Commissie heeft meegedeeld als het gerecht waar het verzoek dient te worden ingediend.

2.

De procedure inzake de weigering van tenuitvoerlegging wordt, voor zover deze niet onder de onderhavige verordening valt, beheerst door het recht van de aangezochte lidstaat.

3.

De verzoeker legt aan het gerecht een afschrift van de beslissing en, indien nodig, een vertaling of transliteratie ervan over.

Indien het gerecht daar reeds over beschikt of het onredelijk acht dit van de verzoeker te verlangen, kan het afzien van het doen overleggen van de in de eerste alinea vermelde documenten door de verzoeker. In dat geval kan het gerecht de andere partij gelasten de documenten over te leggen.

4.

De partij die om de weigering van tenuitvoerlegging van een in een andere lidstaat gegeven beslissing verzoekt, behoeft in de aangezochte lidstaat niet over een postadres te beschikken. Zij behoeft evenmin over een gemachtigde vertegenwoordiger in de aangezochte lidstaat te beschikken tenzij een dergelijke vertegenwoordiger ongeacht de nationaliteit of de woonplaats van de partijen verplicht is.

Artikel 48

Het gerecht neemt onverwijld een besluit over het verzoek tot weigering van de tenuitvoerlegging.

Artikel 49

1.

Elke partij kan een rechtsmiddel instellen tegen de beslissing op het verzoek tot weigering van tenuitvoerlegging.

2.

Het rechtsmiddel wordt ingesteld bij het gerecht dat de desbetreffende lidstaat overeenkomstig artikel 75, onder b), aan de Commissie heeft meegedeeld als het gerecht waar dit rechtsmiddel dient te worden ingediend.

Artikel 50

Tegen de op het rechtsmiddel gegeven beslissing kan slechts een rechtsmiddel worden ingesteld als de betrokken lidstaat de Commissie overeenkomstig artikel 75, onder c), in kennis heeft gesteld van de gerechten waar een volgend rechtsmiddel moet worden ingesteld.

Artikel 51

1.

Het gerecht waar een verzoek tot weigering van tenuitvoerlegging is ingediend of een gerecht waarbij een rechtsmiddel in de zin van de artikelen 49 en 50 is ingesteld, kan de uitspraak aanhouden indien in de lidstaat van herkomst een gewoon rechtsmiddel tegen de beslissing is ingesteld of indien de termijn daarvoor nog niet is verstreken. In het laatste geval kan het gerecht een termijn stellen, waarbinnen het rechtsmiddel moet worden ingesteld.

2.

Indien de beslissing in Cyprus, Ierland of het Verenigd Koninkrijk is gegeven, wordt elk rechtsmiddel dat in de lidstaat van oorsprong kan worden ingesteld, voor de toepassing van lid 1 beschouwd als een gewoon rechtsmiddel.



Artikel 52

In geen geval wordt in de aangezochte lidstaat overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de in een lidstaat gegeven beslissing.

Artikel 53

Het gerecht van oorsprong geeft op verzoek van een belanghebbende partij het certificaat af en gebruikt daarvoor het formulier in bijlage I.

Artikel 54

1.

Indien een beslissing maatregelen of bevelen bevat die in het recht van de aangezochte lidstaat onbekend zijn, wordt de maatregel of het bevel zoveel als mogelijk in overeenstemming gebracht met een maatregel die of een bevel dat in het rechtsstelsel van die lidstaat bestaat, gelijkwaardige gevolgen heeft en dezelfde doelstellingen en belangen beoogt.

Een dergelijke aanpassing heeft geen rechtsgevolgen die verder gaan dan die waarin het recht van de lidstaat van oorsprong voorziet.

2.

Elke partij kan de aanpassing van de maatregel of bevel voor het gerecht aanvechten.

3.

Indien nodig, kan van de partij die de beslissing inroept of om de tenuitvoerlegging ervan verzoekt een vertaling of een transliteratie van de beslissing worden verlangd.

Artikel 55

De in een lidstaat gegeven beslissingen die een veroordeling tot betaling van een dwangsom inhouden, kunnen in de aangezochte lidstaat slechts ten uitvoer worden gelegd wanneer het bedrag ervan door het gerecht van herkomst definitief is bepaald.

Artikel 56

Aan de partij die in een lidstaat de tenuitvoerlegging vraagt van een in een andere lidstaat gegeven beslissing, kan geen enkele zekerheid of depot, onder welke benaming ook, worden opgelegd wegens de hoedanigheid van vreemdeling dan wel wegens het ontbreken van een woonplaats of verblijfplaats in de aangezochte lidstaat.

Artikel 57

1.

Indien op grond van deze verordening een vertaling of een transliteratie is vereist, wordt deze vertaling of transliteratie gesteld in de officiële taal van de betrokken lidstaat, of, als er in die lidstaat meerdere officiële talen bestaan, in de officiële taal of een der officiële talen van het gerecht van de plaats waar de in een andere lidstaat gegeven beslissing wordt ingeroepen of het verzoek wordt ingediend, in overeenstemming met het recht van die lidstaat.

2.

Wat de in de artikelen 53 en 60 bedoelde formulieren betreft, kunnen vertalingen of transliteraties ook worden gesteld in een van de andere officiële talen van de instellingen van de Unie die de betrokken lidstaat heeft aangegeven te aanvaarden.

3.

Elke vertaling op grond van deze verordening wordt gemaakt door een persoon die in een van de lidstaten daartoe gemachtigd is.