Afdeling 4. Gemeenschappelijke bepalingen

Artikel 52

In geen geval wordt in de aangezochte lidstaat overgegaan tot een onderzoek van de juistheid van de in een lidstaat gegeven beslissing.

Artikel 53

Het gerecht van oorsprong geeft op verzoek van een belanghebbende partij het certificaat af en gebruikt daarvoor het formulier in bijlage I.

Artikel 54

1.

Indien een beslissing maatregelen of bevelen bevat die in het recht van de aangezochte lidstaat onbekend zijn, wordt de maatregel of het bevel zoveel als mogelijk in overeenstemming gebracht met een maatregel die of een bevel dat in het rechtsstelsel van die lidstaat bestaat, gelijkwaardige gevolgen heeft en dezelfde doelstellingen en belangen beoogt.

Een dergelijke aanpassing heeft geen rechtsgevolgen die verder gaan dan die waarin het recht van de lidstaat van oorsprong voorziet.

2.

Elke partij kan de aanpassing van de maatregel of bevel voor het gerecht aanvechten.

3.

Indien nodig, kan van de partij die de beslissing inroept of om de tenuitvoerlegging ervan verzoekt een vertaling of een transliteratie van de beslissing worden verlangd.

Artikel 55

De in een lidstaat gegeven beslissingen die een veroordeling tot betaling van een dwangsom inhouden, kunnen in de aangezochte lidstaat slechts ten uitvoer worden gelegd wanneer het bedrag ervan door het gerecht van herkomst definitief is bepaald.

Artikel 56

Aan de partij die in een lidstaat de tenuitvoerlegging vraagt van een in een andere lidstaat gegeven beslissing, kan geen enkele zekerheid of depot, onder welke benaming ook, worden opgelegd wegens de hoedanigheid van vreemdeling dan wel wegens het ontbreken van een woonplaats of verblijfplaats in de aangezochte lidstaat.

Artikel 57

1.

Indien op grond van deze verordening een vertaling of een transliteratie is vereist, wordt deze vertaling of transliteratie gesteld in de officiële taal van de betrokken lidstaat, of, als er in die lidstaat meerdere officiële talen bestaan, in de officiële taal of een der officiële talen van het gerecht van de plaats waar de in een andere lidstaat gegeven beslissing wordt ingeroepen of het verzoek wordt ingediend, in overeenstemming met het recht van die lidstaat.

2.

Wat de in de artikelen 53 en 60 bedoelde formulieren betreft, kunnen vertalingen of transliteraties ook worden gesteld in een van de andere officiële talen van de instellingen van de Unie die de betrokken lidstaat heeft aangegeven te aanvaarden.

3.

Elke vertaling op grond van deze verordening wordt gemaakt door een persoon die in een van de lidstaten daartoe gemachtigd is.