Artikel 20 Wet politiegegevens

Lid 1

De verwerkingsverantwoordelijke kan, voor zover dit met het oog op een zwaarwegend algemeen belang noodzakelijk is ten behoeve van een samenwerkingsverband van de bevoegde autoriteiten met personen of instanties, in overeenstemming met het bevoegd gezag, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 14 van de Politiewet 2012, beslissen tot het verstrekken van politiegegevens aan die personen en instanties voor de volgende doeleinden:

  1. het voorkomen en opsporen van strafbare feiten;

  2. het handhaven van de openbare orde;

  3. het verlenen van hulp aan hen die deze behoeven;

  4. het uitoefenen van toezicht op het naleven van regelgeving.

Lid 2

In de beslissing, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgelegd ten behoeve van welk zwaarwegend algemeen belang de verstrekking noodzakelijk is, ten behoeve van welk samenwerkingsverband de politiegegevens worden verstrekt, alsmede het doel waartoe dit is opgericht, welke gegevens worden verstrekt, de voorwaarden onder welke de gegevens worden verstrekt en aan welke personen of instanties de gegevens worden verstrekt.

Lid 3

Indien de politie of de Koninklijke marechaussee deelneemt aan een samenwerkingsverband als bedoeld in de Wet gegevensverwerking door samenwerkingsverbanden, verstrekt de verwerkingsverantwoordelijke, in overeenstemming met het bevoegd gezag, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 14 van de Politiewet 2012, aan het samenwerkingsverband politiegegevens, voor zover dit noodzakelijk is voor het doel van dat verband, tenzij naar het oordeel van de verwerkingsverantwoordelijke zwaarwegende redenen zich daartegen verzetten. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen voorwaarden en beperkingen worden gesteld aan de verstrekkingen op grond van dit lid.

Lid 4

Indien de politie deelneemt aan een casusoverleg als bedoeld in de Wet gegevensverwerking persoonsgerichte aanpak radicalisering en terroristische activiteiten, verstrekt de verwerkingsverantwoordelijke, in overeenstemming met het bevoegd gezag, bedoeld in de artikelen 11, 12 en 14 van de Politiewet 2012, aan het casusoverleg politiegegevens, voor zover dat noodzakelijk is met het oog op het doel van het casusoverleg, tenzij naar het oordeel van de verwerkingsverantwoordelijke zwaarwegende redenen zich daartegen verzetten.

Wordt genoemd in:

Recente uitspraken

Art. 20 Wpg is sinds 2013 in 8 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof Den Haag en Rb. Den Haag.

  • ECLI:NL:GHDHA:2026:664 — 28-04-2026 Hof Den Haag
    is het mee laten lopen van een documentairemaker tijdens het opsporingsonderzoek van de FIOD onrechtmatig? strijd met de geheimhoudingsplicht ex art. 7 lid 1 Wpg, van 'verwerkte' politiegegevens is ook sprake als deze enkel worden 'verzameld' (art. 1 aanhef en onder c Wpg),…
  • ECLI:NL:GHDHA:2021:1603 — 31-08-2021 Hof Den Haag
    coronamaatregelen niet onmiskenbaar onverbindend, geen noodtoestand of uitzonderingstoestand ex art. 103 Grondwet, Siracusa Principles, toegestane beperkingen op grondrechten.
  • ECLI:NL:RBROT:2023:9070 — 04-10-2023 Rb. Rotterdam
    Wet politiegegevens; Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens; Nietigheid mediacontract? Onrechtmatige verstrekking van persoonsgegevens aan derden? Onrechtmatige inbreuk op de persoonlijke levenssfeer? In deze zaak draait het om een documentaire (‘Nederland Fraudeland’) die…
  • ECLI:NL:RBMNE:2022:1771 — 09-05-2022 Rb. Midden-Nederland
    AVG; selectie en overdracht van persoonsgegevens door de FIOD aan de Belastingdienst op grond van de Wet politiegegevens. Is de AVG van toepassing? Is de verdere gegevensverwerking voor een fiscaal doel rechtmatig, nadat deze eerder met het oog op de strafrechtelijke vervolging…
  • ECLI:NL:RBROT:2021:3941 — 22-04-2021 Rb. Rotterdam
    Vordering ontbinding en ontruiming wegens overlast. Vordering afgewezen

Bekijk alle 8 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.