ECLI:NL:OGEABES:2026:139

Datum uitspraak
05-06-2026
Instantie
Gerecht in eerste aanleg van Bonaire, Sint Eustatius en Saba
Rechtsgebied
Civiel recht
Zaaknummer
BON202600284
Type
Uitspraak

Inhoudsindicatie

Voogdij. De ouders die in Bonaire wonen verkeren in dit geval in de onmogelijkheid om – op belangrijke punten – het gezag uit te oefenen over de minderjarige die in Europees Nederland studeert.

Wetsartikelen die in deze uitspraak worden aangehaald

Uitspraak

GERECHT IN EERSTE AANLEG VAN BONAIRE, SINT EUSTATIUS EN SABA

zittingsplaats Bonaire

Registratienummer: BON202600284

Datum uitspraak: 5 juni 2026

BESCHIKKING

op het verzoek van:

1 [ouder 1],

2. [ouder 2],

beiden wonende te Bonaire,

hierna ook: de ouders,

gemachtigde: mr. M.M.A. van Lieshout,

met betrekking tot de minderjarige:

[de minderjarige],

geboren op [geboortedatum] 2008 te [geboorteplaats],

hierna ook: [de minderjarige].

In zijn hoedanigheid als omschreven in artikel 810 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES is in de procedure gekend: de Voogdijraad Caribisch Nederland (hierna ook: de voogdijraad).

1 Het procesverloop.

1.1.

Het verzoekschrift met bijlagen is ingekomen op 28 mei 2026.

1.2.

De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 5 juni 2026. De ouders zijn verschenen bijgestaan door mr. Van Lieshout voornoemd. Namens de Voogdijraad was mevrouw [medewerker voogdijraad] aanwezig.

1.3. [

de minderjarige] is in de gelegenheid gesteld om zijn mening kenbaar te maken. Hij heeft de rechter een brief gestuurd.

1.4.

De rechter heeft na de mondelinge behandeling direct mondeling uitspraak gedaan.

2.1.

De feiten

2.1

De ouders zijn belast met het gezag over [de minderjarige]. Zij wonen in Bonaire.

2.2. [

[de minderjarige] is voor zijn studie naar Europees Nederland vertrokken. Hij woont bij zijn tante.

2.3.

Op 20 augustus 2025 hebben de ouders verklaard dat de tante de voogd van [de minderjarige] wordt en dat de tante bereid is om de voogdij te aanvaarden. In die verklaring staat kort gezegd dat de tante beslissingen over [de minderjarige] kan nemen en de nodige praktische zaken voor hem kan regelen zolang hij in Europees Nederland woont voor zijn studie.

3 Verzoek en beoordeling

3.1.

Het verzoek wordt – na overleg met de gemachtigde van de ouders – begrepen als een verzoek om de tante van [de minderjarige] met de voogdij over hem te belasten. Aan dat verzoek hebben de ouders tijdens de mondelinge behandeling ten grondslag gelegd dat de verklaring van 20 augustus 2025 niet voldoende is gebleken om alle praktische zaken voor [de minderjarige] in Europees Nederland te regelen. Het lukt bijvoorbeeld niet om in Europees Nederland een zorgverzekering voor [de minderjarige] af te sluiten en het lukt ook niet om [de minderjarige] daar in te schrijven bij een huisarts of tandarts.

3.2.

De Voogdijraad heeft tijdens de mondelinge behandeling naar voren gebracht dat voogdij niet meer nodig is bij minderjarigen die naar Europees Nederland gaan voor hun studie. Een volmacht van de ouder(s) aan een derde in Europees Nederland zou voldoende moeten zijn om de nodige praktische zaken te regelen. De Voogdijraad vindt het wel zorgelijk om te horen dat [de minderjarige] in Nederland tegen problemen aanloopt.

3.3.

Het gerecht overweegt als volgt. Op basis van artikel 1:253r BW BES is het gezag dat aan één of beide ouders toekomt geschorst gedurende de tijd waarin één of beide ouders al dan niet tijdelijk in de onmogelijkheid verkeert het gezag uit te oefenen.

3.4.

In algemene zin kan een volmacht van de gezaghebbende ouder(s) aan een derde in Europees Nederland voldoende zijn om in Europees Nederland de nodige praktische zaken te regelen voor een minderjarige die daar gaat studeren. Op die manier kunnen de ouders in zo’n situatie toch zelf het gezag blijven uit oefenen. In dit geval stelt het gerecht echter vast dat het op basis van de verklaring van 20 augustus 2025 niet is gelukt om de nodige praktische zaken voor [de minderjarige] in Europees Nederland te regelen en dat dat alsnog zo snel mogelijk moet gebeuren. De ouders die in Bonaire wonen verkeren in dit geval dus in de onmogelijkheid om – op belangrijke punten – het gezag uit te oefenen over [de minderjarige] die in Europees Nederland woont. Het gezag van de ouders over [de minderjarige] is daarom geschorst en het gerecht zal de tante – die zich daartoe bereid heeft verklaard, zo begrijpt het gerecht uit de verklaring van 20 augustus 2025 - tot voogdes over [de minderjarige] benoemen. Het gerecht neemt hierbij ook in aanmerking dat [de minderjarige] feitelijk al maanden met toestemming van zijn ouders bij de tante in Europees Nederland woont en dat de benoeming tot voogdes maar voor een beperkte periode zal zijn aangezien [de minderjarige] over een paar maanden meerderjarig zal zijn.

3.5.

Het voorgaande leidt tot de volgende beslissing.

4 Beslissing

Het gerecht:

4.1.

verstaat dat het gezag van de ouders over de minderjarige [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2008 te [geboorteplaats], is geschorst;

4.2.

benoemt tot voogdes over de minderjarige [de minderjarige], geboren op [geboortedatum] 2008 te [geboorteplaats], [tante minderjarige], geboren op [geboortedatum] 1988 te [geboorteplaats],

4.3.

verklaart de beslissing onder 4.2. uitvoerbaar bij voorraad,

4.4.

verstaat dat de griffie de beslissing onder 4.2. aantekent in het gezagregister.

Deze beschikking is gegeven door mr. R.P.P. Hoekstra, rechter, en is op

5 juni 2026 in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier en is op 11 juni 2026 op schrift gesteld.

Andere uitspraken die naar dezelfde wetsartikelen verwijzen

Tekst: Rechtspraak.nl (gepseudonimiseerd). Links naar wetsartikelen en uitspraken zijn toegevoegd door wetboek.org. Origineel op uitspraken.rechtspraak.nl »