Artikel 146 Wetboek van Strafrecht

Hij die door het verwekken van wanorde of het maken van gedruis hetzij een geoorloofde openbare samenkomst tot het belijden van godsdienst of levensovertuiging, hetzij een geoorloofde godsdienstige of levensbeschouwelijke plechtigheid of lijkplechtigheid opzettelijk stoort, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste twee maanden of geldboete van de tweede categorie.

Recente uitspraken

Art. 146 Sr is sinds 2005 in 1 uitspraak op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2005:AT9028 — 20-09-2005 Hoge Raad
    Antilliaanse vervolgingsuitlevering naar Amerika. 1. Als maatstaf bij de toepassing van art. 9.3.b Nederlands-Amerikaans uitleveringsverdrag heeft te gelden of, indien de opgeëiste persoon voor een Nederlands-Antilliaanse rechter zou zijn vervolgd, het niet hoogst…
  • ECLI:NL:RBMNE:2019:6789 — 11-07-2019 Rb. Midden-Nederland
    Verdachte veroordeeld voor het opzettelijk ontrekken van een minderjarige aan het bevoegd opzicht. De rechtbank veroordeelt verdachte tot een voorwaardelijke gevangenisstraf van 1 maand, met een proeftijd van 2 jaar.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.