Artikel 6 Faillissementswet
Lid 1
De rechtbank kan bevelen, dat de schuldenaar worde opgeroepen, om in persoon of bij gemachtigde gehoord te worden. De griffier doet de oproeping op de wijze, bij algemene maatregel van bestuur te bepalen. Is buiten Nederland een hoofdinsolventieprocedure geopend op de voet van artikel 3, eerste lid, van de in artikel 5, derde lid, genoemde verordening, dan stelt de griffier de insolventiefunctionaris of de schuldenaar als bedoeld in artikel 2, onder 3, van de in artikel 5, derde lid, genoemde verordening in de hoofdinsolventieprocedure onverwijld schriftelijk in kennis van de aanvraag onder mededeling dat deze zijn zienswijze binnen een daartoe door de rechter bepaalde termijn kenbaar kan maken.
Lid 2
Indien de schuldenaar, die is opgeroepen om gehoord te worden, gehuwd is of een geregistreerd partnerschap is aangegaan, is zijn echtgenoot onderscheidenlijk geregistreerde partner mede bevoegd om in persoon of bij gemachtigde te verschijnen.
Lid 3
De faillietverklaring wordt uitgesproken, indien summierlijk blijkt van het bestaan van feiten of omstandigheden, welke aantonen, dat de schuldenaar in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen, en, zo een schuldeiser het verzoek doet, ook van het vorderingsrecht van deze.
Lid 4
Ontleent de Nederlandse rechter zijn rechtsmacht aan de in artikel 5, derde lid, genoemde verordening, dan wordt in het vonnis van faillietverklaring vermeld of het een hoofdinsolventieprocedure dan wel een territoriale insolventieprocedure in de zin van de verordening betreft.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 6 Fw is sinds 2004 in 179 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, Hof Arnhem-Leeuwarden en Hof 's-Hertogenbosch.
- ECLI:NL:HR:2024:1142 — 06-09-2024 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Klachten over toepassing art. 6 lid 3 Fw en aanmerken vordering als steunvordering. - ECLI:NL:HR:2023:1226 — 15-09-2023 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Faillissementsrecht. Faillietverklaring, toestand hebben opgehouden te betalen, art. 1 Fw en art. 6 lid 3 Fw. Verweer dat aanvraag faillissement misbruik van bevoegdheid is, art. 3:13 BW. - ECLI:NL:HR:2020:1855 — 20-11-2020 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Verzoek faillietverklaring. Summierlijk blijken van steunvordering. Art. 6 lid 3 Fw. - ECLI:NL:HR:2020:1706 — 30-10-2020 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Verzoek faillietverklaring. Pluraliteit van schuldeisers. Summierlijk blijken van (steun)vordering. Art. 6 lid 3 Fw. - ECLI:NL:HR:2020:835 — 08-05-2020 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Insolventierecht. Verzoek faillietverklaring. Pluraliteit van schuldeisers. Summierlijk blijken van (steun)vordering. Art. 6 lid 3 Fw.
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.