Art. 2:345 Burgerlijk Wetboek Boek 2
Lid 1
Op schriftelijk verzoek van degenen die krachtens de artikelen 346 en 347 daartoe bevoegd zijn, kan de ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam een of meer personen benoemen tot het instellen van een onderzoek naar het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon, hetzij in de gehele omvang daarvan, hetzij met betrekking tot een gedeelte of een bepaald tijdvak. Onder het beleid en de gang van zaken van een rechtspersoon zijn mede begrepen het beleid en de gang van zaken van een commanditaire vennootschap of een vennootschap onder firma waarvan de rechtspersoon volledig aansprakelijke vennoot is.
Lid 2
De advocaat-generaal bij het ressortsparket kan om redenen van openbaar belang een verzoek doen tot het instellen van een onderzoek als bedoeld in het eerste lid. Hij kan ter voorbereiding van een verzoek een of meer deskundige personen belasten met het inwinnen van inlichtingen over het beleid en de gang van zaken van de rechtspersoon. De rechtspersoon is verplicht de gevraagde inlichtingen te verschaffen en desgevraagd ook inzage in zijn boeken en bescheiden te geven aan de deskundigen.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 2:345 BW is sinds 1990 in 121 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hoge Raad en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2022:1580 — 04-11-2022 Hoge Raad
Ondernemingsrecht. Enquêterecht. Procesrecht. Ondernemingskamer heeft geoordeeld dat enquêteverzoek niet op redelijke grond is gedaan (art. 2:350 lid 2 BW). Klacht dat ondernemingskamer een verkeerde maatstaf heeft gehanteerd dan wel terughoudendheid heeft miskend bij oordeel… - ECLI:NL:HR:2020:600 — 03-04-2020 Hoge Raad
Ondernemingsrecht; enquêterecht; procesrecht. Onderzoek naar beleid en gang van zaken van SNS-vennootschappen. Medewerkingsplicht. Mogen de vennootschappen inzage weigeren in notulen, bestuursbesluiten en correspondentie, voor zover daarin informatie staat die is uitgewisseld… - ECLI:NL:HR:2018:597 — 13-04-2018 Hoge Raad
Ondernemingsrecht. Enquête. Kostenverhaal op feitelijk bestuurder op grond van art. 2:354 BW? Hoofdelijke verbondenheid als bedoeld in art. 6:6 lid 2 BW? - ECLI:NL:HR:2014:1652 — 11-07-2014 Hoge Raad
Vennootschapsrecht. Enquêterecht. HR 25 februari 2011, ECLI:NL:HR:2011:BO7076, NJ 2011/335. Beoordelingsvrijheid, onderzoeksbevoegdheid en belangenafweging ondernemingskamer bij verzoek tot vervanging van een bij onmiddellijke voorziening benoemde bestuurder, commissaris en… - ECLI:NL:HR:2014:1651 — 11-07-2014 Hoge Raad
Vennootschapsrecht. Enquêterecht. Enquêteverzoek ingediend voor herziening enquêterecht (Stb. 2012/274). Voorlopige voorzieningen slechts bij voldoende zwaarwegende redenen in het geval waarin wel enquête is gelast, maar nog geen onderzoeker is benoemd? HR 25 februari 2011,…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.