Art. 2:358 Burgerlijk Wetboek Boek 2

Lid 1

De ondernemingskamer kan de voorlopige tenuitvoerlegging der voorzieningen genoemd in artikel 356 onder a-e bevelen.

Lid 2

De griffier der ondernemingskamer doet ten kantore van het handelsregister een afschrift van de beschikkingen der ondernemingskamer nederleggen. Van beschikkingen die niet voorlopig ten uitvoer kunnen worden gelegd, geschiedt de nederlegging zodra zij in kracht van gewijsde zijn gegaan.

Lid 3

In het geval, bedoeld in artikel 348, ontvangt de in dat artikel genoemde, op de rechtspersoon toezichthoudende instelling van de griffier een afschrift van de beschikkingen van de ondernemingskamer.

Recente uitspraken

Art. 2:358 BW is sinds 2010 in 5 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam en Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2010:BM6077 — 10-09-2010 Hoge Raad
    Ondernemingsrecht. Houders van certificaten die deel uitmaken van een onverdeelde nalatenschap moeten gelijk worden gesteld met certificaathouders als bedoeld in artikel 2:346, aanhef en onder b, BW en zijn gezamenlijk bevoegd om een enquêteverzoek te doen; in overeenstemming…
  • ECLI:NL:GHAMS:2024:2740 — 30-10-2024 Hof Amsterdam
    OK ; enquêterecht ; aanwijzing vereffenaar
  • ECLI:NL:GHAMS:2023:2882 — 02-10-2023 Hof Amsterdam
    OK; enquête; tweede fase; wanbeleid; ontbinding vennootschappen
  • ECLI:NL:GHAMS:2019:4295 — 03-12-2019 Hof Amsterdam
    OK; Enquete; ontbinding van de vennootschap, benoeming vereffenaar; verlenging voorzieningen; redelijke kosten van verweer; 2:356, 357 BW
  • ECLI:NL:GHAMS:2017:5250 — 09-11-2017 Hof Amsterdam
    De Ondernemingskamer wijst het ontbindingsverzoek toe.

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.