Titel Vb. Kansspelen op afstand
Wordt genoemd in:
Artikel 31
Lid 1
Onder een kansspel op afstand wordt verstaan: een gelegenheid als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onder a, die op afstand met elektronische communicatiemiddelen wordt gegeven en waaraan wordt deelgenomen zonder fysiek contact met degene die die gelegenheid geeft of die voor deelname aan die kansspelen ruimte en middelen ter beschikking stelt.
Lid 2
Tot het organiseren van kansspelen op afstand, anders dan aanbieden van deelnamebewijzen aan de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur aangewezen kansspelen waarvoor op grond van een andere dan deze titel vergunning is verleend, kan uitsluitend vergunning worden verleend overeenkomstig de bepalingen van deze titel.
Artikel 31a
Lid 1
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, kan vergunning verlenen tot het organiseren van kansspelen op afstand.
Lid 2
De vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand wordt voor bepaalde tijd verleend en is niet overdraagbaar.
Lid 3
De vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand kan worden verleend onder een beperking verband houdend met de aard van de te organiseren kansspelen. Aan de vergunning kunnen voorschriften in het belang van de verantwoorde, betrouwbare en controleerbare organisatie van die kansspelen worden verbonden. De beperkingen en voorschriften kunnen worden gewijzigd.
Lid 4
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels en criteria gesteld met betrekking tot de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand. Deze regels en criteria hebben in ieder geval betrekking op:
de kansspelen die op grond van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand mogen worden georganiseerd, waarbij spelregels en andere kenmerken van die spelen kunnen worden gegeven;
regels met betrekking tot het onderkennen en voorkomen van manipulatie met sportwedstrijden;
de geldigheidsduur van de vergunning;
de overgang van de vergunning.
Lid 5
De regels en criteria, bedoeld in het vierde lid, onder a en b, worden in beginsel vastgesteld na overleg met de kansspelautoriteit, sportbonden en vergunninghouders van kansspelen op afstand die sportweddenschappen of een totalisator aanbieden. Tot de regels als bedoeld in het vierde lid, onder b, kan een lijst behoren met kansspelen, spelregels en andere kenmerken van die spelen die door de houder van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand niet mogen worden aangeboden.
Artikel 31b
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot de termijn waarbinnen een beschikking op de aanvraag omtrent de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand wordt gegeven, en kunnen regels worden gesteld met betrekking tot de indiening en behandeling van de aanvraag.
Artikel 31c
Lid 1
De aanvraag tot het verlenen en wijzigen van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand wordt afgewezen indien onvoldoende is gewaarborgd dat:
de aanvrager en diens onderneming zullen voldoen aan de bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften;
de kansspelen op afstand overeenkomstig de bij of krachtens deze wet, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme en de Sanctiewet 1977 gestelde voorschriften zullen worden georganiseerd;
het toezicht op naleving en de handhaving van deze wet, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, de Sanctiewet 1977 en de Wet op de kansspelbelasting doelmatig en doeltreffend kan worden uitgeoefend.
Lid 2
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de toepassing van het eerste lid.
Artikel 31d
Lid 1
De vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand kan worden ingetrokken, indien:
de gegevens, die met het oog op de verkrijging van de vergunning zijn verstrekt, zodanig onjuist of onvolledig zijn gebleken dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn gegeven indien bij de beoordeling daarvan de juiste en volledige gegevens bekend waren geweest;
niet of niet meer wordt voldaan aan de bij of krachtens deze wet, de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme, de Sanctiewet 1977 of de Wet op de kansspelbelasting gestelde regels;
een aan de vergunning verbonden voorschrift of een beperking waaronder de vergunning is verleend, is overtreden;
onvoldoende medewerking is verleend aan het toezicht op de naleving en de handhaving van de bij of krachtens deze wet, de Sanctiewet 1977, en de Wet op de kansspelbelasting gestelde voorschriften.
Lid 2
De vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand kan worden geschorst op grond van ernstige vermoedens dat er grond bestaat om de vergunning in te trekken.
Lid 3
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de voorgaande leden.
Artikel 31e
Voor de behandeling van een aanvraag omtrent een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand is overeenkomstig door Onze Minister van Veiligheid en Justitie gestelde regels een vergoeding verschuldigd. Als betaling achterwege blijft, wordt de aanvraag niet in behandeling genomen. Artikel 4:5, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing.
Artikel 31f
Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie kan worden bepaald dat de houder van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand overeenkomstig bij die regeling te stellen regels periodiek een bedrag afdraagt aan een of meer instellingen die een algemeen belang dienen, werkzaam op het gebied van sport en lichamelijke vorming, cultuur, maatschappelijk welzijn of volksgezondheid. Daarbij kan onderscheid worden gemaakt naar de aard van de door die vergunninghouder georganiseerde kansspelen.
Artikel 31g
Lid 1
De houder van de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand heeft zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging in een staat die partij is bij het Verdrag betreffende de werking van de Europese Unie of de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte.
Lid 2
De vergunninghouder heeft de rechtsvorm van een naamloze vennootschap of een besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid naar het recht van een staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte, of een Europese vennootschap.
Lid 3
De vergunninghouder verschaft inzicht in de eigendoms- en zeggenschapsstructuur van zijn onderneming, in die van het concern waartoe hij behoort en in de persoon van de uiteindelijke belanghebbende. De vergunninghouder is niet verbonden met personen in een formele of feitelijke zeggenschapsstructuur die:
ingevolge het recht van een andere staat dat op die personen van toepassing is, of
door de ondoorzichtigheid van die structuur,
een belemmering kan vormen voor het doelmatig en doeltreffend uitoefenen van toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze wet of de Sanctiewet 1977.
Lid 4
De continuïteit van de vergunninghouder is redelijkerwijs gewaarborgd.
Lid 5
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, kan ontheffing verlenen van het vereiste, bedoeld in het eerste lid, indien de vergunninghouder zijn statutaire zetel, zijn hoofdbestuur of zijn hoofdvestiging heeft in een derde staat, indien het recht van die staat voldoende waarborgen biedt ten aanzien van de belangen die deze wet beoogt te beschermen.
Lid 6
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de vergunninghouder. Deze regels hebben in ieder geval betrekking op de ontheffing, bedoeld in het vijfde lid, en de continuïteit van de vergunninghouder.
Artikel 31h
Lid 1
De houder van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand richt zijn bedrijfsvoering zodanig in dat een verantwoorde, betrouwbare en controleerbare organisatie van de kansspelen op afstand, alsmede het toezicht op naleving van de bij of krachtens deze wet en de Sanctiewet 1977 gestelde voorschriften en de handhaving daarvan, zijn gewaarborgd.
Lid 2
Daartoe gebruikt de vergunninghouder in ieder geval passende middelen, processen en procedures die:
voldoen aan de bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde technische en operationele vereisten met betrekking tot de veiligheid, vertrouwelijkheid, eerlijkheid, continuïteit, betrouwbaarheid, controleerbaarheid en geschiktheid van de bedrijfsvoering, en
zijn gekeurd door een door Onze Minister aangewezen instelling die door de Raad voor Accreditatie of door een andere nationale accreditatie-instantie als bedoeld in Verordening (EG) nr. 765/2008 van het Europees Parlement en de Raad van 9 juli 2008 tot vaststelling van de eisen inzake accreditatie en markttoezicht betreffende het verhandelen van producten en tot intrekking van Verordening (EEG) nr. 339/93 (PbEU 2008, L 218) is geaccrediteerd.
Lid 3
De vergunninghouder laat de middelen, processen en procedures in ieder geval op een daartoe strekkende aanwijzing van de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, binnen de in die aanwijzing gestelde termijn geheel of gedeeltelijk onderwerpen aan een keuring door een instelling als bedoeld in het tweede lid, onder b.
Lid 4
De vergunninghouder wijst een of meer ter zake kundige functionarissen aan die binnen zijn organisatie verantwoordelijk en beschikbaar zijn voor de uitvoering en het interne toezicht op naleving van bij of krachtens deze wet gestelde voorschriften.
Lid 5
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de bedrijfsvoering van de vergunninghouder en de keuring van de middelen, processen en procedures. Daarbij worden in ieder geval regels gesteld met betrekking tot:
de aanwijzing van instellingen als bedoeld in het tweede lid, onder b, de intrekking en schorsing van die aanwijzing en de verplichtingen van de aangewezen instelling;
de gevallen waarin de vergunninghouder de middelen, processen en procedures, bedoeld in het tweede lid, geheel of gedeeltelijk laat onderwerpen aan een keuring;
de gevallen waarin de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, tijdelijk ontheffing kan verlenen van het vereiste, bedoeld in het tweede lid, onder b;
de samenwerking met derden in het belang van de verantwoorde, betrouwbare en controleerbare organisatie van de kansspelen op afstand;
de bescherming van de consument;
de uitbesteding van onderdelen van de bedrijfsvoering aan derden;
het verrichten van andere activiteiten dan de krachtens de vergunning georganiseerde kansspelen, en
de administratie van de krachtens de vergunning georganiseerde kansspelen.
Artikel 31i
Lid 1
De betrouwbaarheid van de houder van de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand, van de personen die zijn beleid bepalen of mede bepalen en van zijn uiteindelijke belanghebbende staat buiten twijfel.
Lid 2
De vergunninghouder voert een adequaat beleid dat strekt tot waarborging van de betrouwbaarheid van leidinggevenden, van personen op sleutelposities en van personen die bij het organiseren van de kansspelen op afstand met spelers in aanraking komen.
Lid 3
De vergunning kan in ieder geval worden geweigerd, geschorst of ingetrokken in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur.
Lid 4
Voordat de aanvraag tot het verlenen van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand wordt afgewezen of een dergelijke vergunning wordt geschorst of ingetrokken, kan het Bureau bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, bedoeld in artikel 8 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur, om een advies als bedoeld in artikel 9 van die wet worden gevraagd.
Lid 5
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid. Deze regels hebben in ieder geval betrekking op de wijze waarop wordt vastgesteld of de betrouwbaarheid van de vergunninghouder en een persoon als bedoeld in het eerste lid buiten twijfel staat en welke feiten en omstandigheden daarbij worden betrokken.
Artikel 31j
Lid 1
Het beleid van de houder van de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand wordt bepaald door personen die deskundig zijn in verband met de verantwoorde, betrouwbare en controleerbare organisatie van kansspelen op afstand.
Lid 2
De vergunninghouder draagt zorg voor passende deskundigheid van de leidinggevenden, van de personen op sleutelposities en van de personen die bij het organiseren van kansspelen op afstand met spelers in aanraking komen.
Lid 3
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot het eerste en tweede lid.
Artikel 31k
Lid 1
De houder van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand biedt een persoon die niet bij hem als speler is ingeschreven en aangemeld geen kansspelen op afstand aan.
Lid 2
De vergunninghouder schrijft een persoon niet in als speler, dan nadat de identiteit van die persoon is vastgesteld en is vastgesteld dat:
die persoon 18 jaar of ouder is;
die persoon niet is opgenomen in het register, bedoeld in artikel 33h, en
die persoon de grenzen van zijn speelgedrag heeft aangegeven.
Lid 3
De vergunninghouder staat geen aanmelding toe van een persoon ten aanzien van wie hij redelijkerwijs moet vermoeden dat deze door onmatige deelname aan kansspelen of door kansspelverslaving schade kan berokkenen aan zichzelf of aan naasten.
Lid 4
Bij de uitvoering van de voorgaande leden kan de vergunninghouder gebruik maken van het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
Lid 5
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de inschrijving en aanmelding als speler. Daarbij worden in ieder geval regels gesteld met betrekking tot:
de vaststelling van de identiteit, bedoeld in het tweede lid;
de grenzen van het speelgedrag, bedoeld in het tweede lid;
de overige voorwaarden voor inschrijving als speler;
de schorsing van de inschrijving als speler, en
de beëindiging van de inschrijving als speler.
Lid 6
De houder van een ingevolge artikel 31a verleende vergunning is verplicht informatie over verdachte gokpatronen bij de kansspelautoriteit te melden. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over hetgeen onder informatie over verdachte gokpatronen wordt verstaan en over de wijze waarop de melding aan de kansspelautoriteit moet plaatsvinden.
Artikel 31l
Lid 1
Betalingen tussen de houder van de vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand en de speler verlopen overeenkomstig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde regels.
Lid 2
De vergunninghouder treft passende waarborgen voor:
het veilige verloop van de betalingen, bedoeld in het eerste lid;
de afscheiding van de tegoeden van de spelers van ander vermogen of de verzekering van die tegoeden; en
de uitkering van de tegoeden aan de spelers.
Lid 3
De vergunninghouder kan ter uitvoering van het tweede lid, onder b, een of meer bijzondere rekeningen aanhouden bij een financiële onderneming die ingevolge de Wet op het financieel toezicht in Nederland het bedrijf van bank mag uitoefenen, welke rekeningen uitsluitend bestemd zijn voor gelden, die hij in verband met zijn werkzaamheden als zodanig ten behoeve van spelers onder zich neemt. In dat geval is artikel 19, eerste lid, tweede en derde volzin, tweede en derde lid, vierde lid, tweede en derde volzin, vijfde, zesde en achtste lid, van de Gerechtsdeurwaarderswet van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat:
voor «gerechtsdeurwaarder» telkens wordt gelezen: vergunninghouder, en
voor «derden» telkens wordt gelezen: spelers.
Lid 4
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot het tweede en derde lid.
Artikel 31m
Lid 1
Onverminderd het bepaalde bij of krachtens artikel 4a, registreert en analyseert de houder van een vergunning tot het organiseren van kansspelen op afstand systematisch gegevens met betrekking tot het speelgedrag van de speler. Hij kan hierbij gegevens over gezondheid als bedoeld in artikel 4, onderdeel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming van de speler verwerken voor zover dit noodzakelijk is voor het voorkomen van onmatige deelname aan kansspelen of van kansspelverslaving.
Lid 2
Bij een redelijk vermoeden van onmatige deelname aan kansspelen of kansspelverslaving onderzoekt de vergunninghouder het gedrag van de speler in een persoonlijk onderhoud met die speler.
Lid 3
De vergunninghouder die na het onderzoek, bedoeld in het tweede lid, redelijkerwijs moet vermoeden dat de speler door onmatige deelname aan kansspelen of door kansspelverslaving schade kan berokkenen aan zichzelf of aan naasten, adviseert die speler tot tijdelijke uitsluiting van deelname aan kansspelen, georganiseerd in speelcasino’s als bedoeld in artikel 27g, tweede lid, in inrichtingen als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder b, en op afstand als bedoeld in artikel 31, door inschrijving in het register, bedoeld in artikel 33h.
Lid 4
De vergunninghouder stelt de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, ervan in kennis, indien de speler, bedoeld in het derde lid, zich niet in het daarbedoelde register inschrijft. Hij kan hierbij gebruik maken van het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
Lid 5
De vergunninghouder stelt gegevens en analyses als bedoeld in het eerste lid geanonimiseerd beschikbaar voor onderzoek naar kansspelverslaving.
Lid 6
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld met betrekking tot de voorgaande leden. Deze hebben in ieder geval betrekking op:
de registratie en analyse, bedoeld in het eerste lid;
de verwerking van persoonsgegevens, de waarborgen voor rechtmatige verwerking van persoonsgegevens en het burgerservicenummer, de passende technische en organisatorische maatregelen ter beveiliging van persoonsgegevens en het burgerservicenummer tegen verlies of onrechtmatige verwerking en het toezicht daarop;
het onderzoek en het advies, bedoeld in het tweede en derde lid;
de kennisgeving, bedoeld in het vierde lid, en de door de vergunninghouder te verstrekken gegevens.
Artikel 32
Vervallen