Afdeling 3. Gegevensverwerking
Artikel 33g
Lid 1
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, kan persoonsgegevens, daaronder begrepen persoonsgegevens van strafrechtelijke aard als bedoeld in paragraaf 3.2 van de Uitvoeringswet Algemene verordening gegevensbescherming en gegevens over gezondheid als bedoeld in artikel 4, onderdeel 15 van de Algemene verordening gegevensbescherming, verwerken, voor zover die verwerking noodzakelijk is voor:
de uitvoering van deze wet;
het toezicht op naleving van de bij of krachtens deze wet gestelde of aan de op grond van deze wet verleende vergunning verbonden voorschriften;
de handhaving van de bij of krachtens deze wet gestelde of aan de op grond van deze wet verleende vergunning verbonden voorschriften, of
de administratieve samenwerking met andere instanties overeenkomstig artikel 34m.
Lid 2
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, en de ambtenaren en personen, bedoeld in artikel 34, verstrekken elkaar de gegevens die deze behoeven ter uitvoering van hun wettelijke taken.
Lid 3
Onze Minister van Veiligheid en Justitie, de rijksbelastingdienst, de Nederlandse Arbeidsinspectie en andere in het reglement, bedoeld in het zesde lid, aangewezen bestuursorganen en toezichthouders zijn bevoegd uit eigen beweging of verplicht desgevraagd de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, en de ambtenaren en personen, bedoeld in artikel 34, de gegevens te verstrekken die noodzakelijk zijn voor de uitvoering van hun taken. Daarbij kan gebruik worden gemaakt van het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer, en van andere, bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie aangewezen nummers.
Lid 4
Onverminderd artikel 6 van de Algemene verordening gegevensbescherming mogen de gegevens, bedoeld in het eerste lid, slechts worden verwerkt mits de uitvoering van de taak met het oog waarop de gegevens zijn verstrekt, daartoe noodzaakt.
Lid 5
De in het tweede en derde lid bedoelde gegevensverstrekking vindt niet plaats indien de persoonlijke levenssfeer van de betrokkene daardoor onevenredig wordt geschaad.
Lid 6
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, beschikt over een reglement waarin in ieder geval regels zijn gesteld met betrekking tot de wijze waarop:
de verwerking van persoonsgegevens plaatsvindt;
de persoonsgegevens door passende technische en organisatorische maatregelen worden beveiligd tegen verlies of onrechtmatige verwerking.
Lid 7
Het reglement, bedoeld in het zesde lid, bevat voorts regels met betrekking tot de bestuursorganen, toezichthouders, instanties of personen waarmee gegevens kunnen worden uitgewisseld, de wijze waarop gegevens kunnen worden verstrekt en de doorlevering en vernietiging van gegevens.
Lid 8
Bij regeling van Onze Minister van Veiligheid en Justitie kunnen nadere regels worden gesteld met betrekking tot de vorige leden.
Lid 9
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, is verwerkingsverantwoordelijke.
Artikel 33h
Lid 1
De raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, houdt een register van personen die tijdelijk zijn uitgesloten van deelname aan kansspelen, georganiseerd in een inrichting als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder b, in een speelcasino als bedoeld in artikel 27g, tweede lid, en op afstand als bedoeld in artikel 31, eerste lid.
Lid 2
Het register heeft tot doel het voorkomen van deelname aan kansspelen als bedoeld in het eerste lid door personen:
die tijdelijk niet willen deelnemen aan kansspelen als bedoeld in het eerste lid, of
ten aanzien van wie redelijkerwijs kan worden aangenomen dat deze door onmatige deelname aan kansspelen of door kansspelverslaving zichzelf of zijn naasten schade kunnen berokkenen.
Lid 3
Het register bevat gegevens met betrekking tot:
de in het register opgenomen personen;
de periode van uitsluiting van deelname als bedoeld in het eerste lid;
de aan de registratie ten grondslag liggende redenen;
de herkomst van de in het register opgenomen gegevens.
Lid 4
Uit het register worden slechts gegevens verstrekt aan:
de houders van een vergunning tot het organiseren van kansspelen als bedoeld in het eerste lid, voor zover het betreft de enkele indicatie of een persoon in het register is opgenomen;
de ambtenaren, bedoeld in artikel 34, eerste lid, voor zover dat noodzakelijk is voor het toezicht op naleving van deze wet;
de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, voor zover dat noodzakelijk is voor de uitvoering van zijn taken op grond van deze wet.
Lid 5
Bij de verwerking van persoonsgegevens kan gebruik worden gemaakt van het burgerservicenummer, bedoeld in artikel 1, onder b, van de Wet algemene bepalingen burgerservicenummer.
Lid 6
De raad van bestuur haalt de inschrijving in het register door:
na afloop van de termijn van uitsluiting als bedoeld in het eerste lid;
op verzoek van de ingeschreven persoon.
De inschrijving wordt niet doorgehaald, indien sedert de inschrijving nog geen zes maanden zijn verstreken.
Lid 7
De in het register opgenomen gegevens worden na afloop van de uitsluiting onverwijld geanonimiseerd en voor beleidsontwikkeling en statistische doeleinden buiten het register geplaatst.
Lid 8
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot het register en het gebruik van het burgerservicenummer. Deze regels hebben in ieder geval betrekking op de gegevens, bedoeld in het derde lid, en de wijze waarop:
de verwerking van persoonsgegevens, waaronder het burgerservicenummer plaatsvindt;
de persoonsgegevens, waaronder het burgerservicenummer door passende technische en organisatorische maatregelen worden beveiligd tegen verlies of onrechtmatige verwerking;
wordt gewaarborgd dat de verwerkte persoonsgegevens, waaronder het burgerservicenummer slechts worden verwerkt voor de preventie en behandeling van kansspelverslaving, en hoe daarop wordt toegezien.
Lid 9
Met betrekking tot het beheer van en de verstrekkingen uit het register is de raad van bestuur, bedoeld in artikel 33a, de verwerkingsverantwoordelijke in de zin van artikel 4 van de Algemene verordening gegevensbescherming.