Artikel 1:85 Wet op het financieel toezicht

Lid 1

Indien tegen een besluit tot het opleggen van een bestuurlijke boete bezwaar of beroep wordt aangetekend, schorst dit de verplichting tot betaling van de boete totdat de beroepstermijn is verstreken of, indien beroep is ingesteld, op het beroep is beslist.

Lid 2

De schorsing van de verplichting tot betaling schorst niet de berekening van de wettelijke rente.

Recente uitspraken

Art. 1:85 Wft is sinds 2011 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam.

  • ECLI:NL:RBROT:2023:2793 — 31-03-2023 Rb. Rotterdam
    Bestuurlijke boete aan feitelijk leidinggevende aan overtreding van artikel 115q BGfo en artikel 4:37p Wft door onderneming. Overtredingen zijn terecht tegengeworpen. Boete is wel gematigd gelet op de verhouding met de andere feitelijk leidinggevenden. Beroep is gegrond…
  • ECLI:NL:RBROT:2017:9881 — 15-12-2017 Rb. Rotterdam
    BC, boete wegens overtreding 5:20 Awb (medewerkingsplicht), verwijzing naar ECLI:NL:RBROT:2016:117 en ECLI:NL:RBROT:2016:112. Boete opleggen mag ook na last onder dwangsom, geen strijd met artikel 6 EVRM
  • ECLI:NL:RBROT:2011:BQ8872 — 21-06-2011 Rb. Rotterdam
    AFM heeft een tussenpersoon een bestuurlijke boete opgelegd van € 50.000 wegens overtreding van artikel 4:23 lid 1 Wft en heeft voorts besloten tot vroegtijdige publicatie daarvan. Onderhavige boeteoplegging ziet op gedragingen die hebben plaatsgevonden vanaf 1 augustus 2009,…

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.