Artikel 1:74 Wet op het financieel toezicht
Lid 1
De toezichthouder kan ten behoeve van de uitoefening van een taak ingevolge deze wet van een ieder inlichtingen vorderen.
Lid 2
De artikelen 5:13 en 5:20, eerste en tweede lid, van de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
Lid 3
De toezichthouder is bevoegd tot overeenkomstige toepassing van artikel 5:20, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht ten aanzien van de in het eerste lid bedoelde inlichtingen.
Lid 4
Voorzover de Autoriteit Financiële Markten voor het uitoefenen van het gedragstoezicht ten aanzien van financiële ondernemingen waaraan de Nederlandsche Bank een vergunning heeft verleend, gegevens nodig heeft over aspecten van de bedrijfsvoering, bedoeld in artikel 3:17, tweede lid, onderdeel a en b, vordert de Autoriteit Financiële Markten geen inlichtingen, dan nadat de Nederlandsche Bank is verzocht deze gegevens te verstrekken en is gebleken dat de Nederlandsche Bank niet aan dit verzoek tegemoet kan komen.
Lid 5
Voorzover de Nederlandsche Bank voor het uitoefenen van het prudentieel toezicht ten aanzien van financiële ondernemingen waaraan de Autoriteit Financiële Markten een vergunning heeft verleend, gegevens nodig heeft over aspecten van de bedrijfsvoering, bedoeld in artikel 4:14, tweede lid, onderdeel a of b,vordert de Nederlandsche Bank geen inlichtingen, dan nadat de Autoriteit Financiële Markten is verzocht deze gegevens te verstrekken en is gebleken dat de Autoriteit Financiële Markten niet aan dit verzoek tegemoet kan komen.
Lid 6
Van het vierde of vijfde lid kan, na overleg met de andere toezichthouder, worden afgeweken indien sprake is van een redelijk vermoeden van een overtreding van de regels bij of krachtens deze wet gesteld en onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 1:74 Wft is sinds 2008 in 11 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam, CBb en Hoge Raad.
- ECLI:NL:HR:2022:1195 — 13-09-2022 Hoge Raad
Vervolgingsuitlevering o.b.v. Uitleveringsverdrag Nederland en Verenigd Koninkrijk van opgeëiste persoon (Britse nationaliteit) naar Bermuda Eilanden t.z.v. oplichting, witwassen en verstrekken van misleidende informatie aan monetaire autoriteit van Bermuda. 1. Genoegzaamheid… - ECLI:NL:CBB:2021:969 — 02-11-2021 CBb
Wet handhaving consumentenbescherming, hoger beroep. Last onder dwangsom opgelegd wegens overtredingen van artikel 8.8 Whc. Uitgifte obligaties ten behoeve van investering in windturbines. Informatieverstrekking over aankoopwaarden en restwaarden van de windturbines en… - ECLI:NL:CBB:2019:156 — 16-04-2019 CBb
Boete wegens overtreding van artikel 5:20 Awb - ECLI:NL:CBB:2018:444 — 04-09-2018 CBb
Hoger beroep. Financieel toezicht. Vordering om (wilsafhankelijke) informatie, gevolgd door een last onder dwangsom aan een in het buitenland gevestigde onderneming. Het College is van oordeel dat AFM o.g.v. richtlijnconforme interpretatie van art. 1:74, 1e lid Wft bevoegd is om… - ECLI:NL:CBB:2016:270 — 12-09-2016 CBb
Verklaring van geen bezwaar voor verwerven of houden van gekwalificeerde deelnemingen in vennootschap. Mogelijkheid van DNB om voorschriften te verbinden aan de goedkeuring van de voorgenomen verwerving. Vervolg op CBb 30 december 2013 (ECLI:NL:CBB:2013:301) en HvJ EU 25 juni…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.