Artikel 2:51 Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
Indien de jonggehandicapte, die een inkomensvoorziening op grond van dit hoofdstuk ontvangt en die slechts in staat is om met arbeid minder dan 20% te verdienen van het maatmaninkomen, verkeert in een blijvende of voorlopig blijvende toestand van hulpbehoevendheid welke geregeld oppassing en verzorging nodig maakt, wordt de inkomensvoorziening voor de duur van die hulpbehoevendheid verhoogd door vermenigvuldiging met ten hoogste de factor 100/75. De eerste zin vindt geen toepassing, indien de jonggehandicapte in een inrichting is opgenomen en de kosten van verblijf ten laste van een zorgverzekering of een verzekering inzake ziektekosten komen.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 2:51 Wajong is sinds 2022 in 1 uitspraak op wetboek.org gekoppeld, met name door Raad van State.
- ECLI:NL:RVS:2022:628 — 02-03-2022 Raad van State
Bij besluit van 5 juli 2019 heeft de Belastingdienst/Toeslagen het recht van [appellant] op huurtoeslag over 2018 definitief vastgesteld op nihil en € 2.853,- van hem teruggevorderd. Op 3 januari 2018 heeft [appellant] huurtoeslag aangevraagd voor het toeslagjaar 2018. Daarbij…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.