RECHTBANK DEN HAAG
Team Jeugd- en Zorgrecht
Zaak- en rekestnummer: C/09/712213 / FA RK 26-9174
Datum beschikking: 10 september 2026
Beschikking machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel
op het verzoek van de officier van justitie als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) voor
[betrokkene],
hierna te noemen: betrokkene,
geboren op [geboortedatum] 2006 in [geboorteplaats] ,
wonend in [woonplaats] ,
verblijvende in de accommodatie [accommodatie] , [plaats] ,
advocaat: mr. M.J. de Jongh uit Leiden.
Procesverloop
Op 7 september 2026 heeft de burgemeester van Delft een crisismaatregel afgegeven.
De officier van justitie heeft op 8 september 2026 verzocht om voortzetting van de crisismaatregel. De rechtbank heeft kennisgenomen van het verzoekschrift met bijlagen.
De zitting heeft plaatsgevonden op 10 september 2026. Daarbij zijn gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
- de psychiater, [naam] .
Beoordeling
Uit de stukken en de zitting blijkt dat bij betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- levensgevaar;
- ernstige psychische schade;
-maatschappelijke teloorgang;
- de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.
Betrokkene is aanvankelijk vrijwillig opgenomen wegens een manisch psychotische decompensatie, die vermoedelijk geluxeerd is door stress van werk en studieverplichtingen, slaapdeprivatie en mogelijk cannabisgebruik. Het beeld van betrokkene was in het begin van de opname erg onvoorspelbaar en tot vandaag was separatie nodig. Betrokkene was achterdochtig en angstig en kon dreigend overkomen. Ook was er sprake van fysieke onrust en de behoefte om weg te rennen voor gevaar dat hij vreesde. Voorafgaande aan de opname had hij daarbij last van paranoïde wanen waarbij hij zei dat hij dood moest en dat hij een pistool wilde om een einde aan zijn leven te maken.
De rechtbank heef ter zitting begrepen dat het steeds beter gaat met betrokkene en dat hij vandaag naar de afdeling is gemobiliseerd. Wel zijn de symptomen van de stoornis nog aanwezig. Ook wordt nog nader diagnostiek verricht. Het is belangrijk dat betrokkene zijn medicatie, die eerder onder drang is gegeven, blijft innemen.
Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, namelijk een ongespecificeerde psychotische stoornis.
De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht.
De rechtbank is op grond van het dossier en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat de vormen van verplichte zorg zoals hierna in de beslissing zijn opgenomen nodig zijn.
Betrokkene verzet zich tegen deze zorg. Betrokkene werd aanvankelijk vrijwillig opgenomen. Tijdens de opname liepen de spanningen door angsten en achterdocht echter op en gaf betrokkene aan weg te willen. Het beeld is volgens de psychiater op dit moment nog erg wisselend. Als betrokkene weer volop achterdochtig is, is het niet haalbaar om de zorg op vrijwillige basis te verlenen. Gelet hierop is de rechtbank van oordeel dat verplichte zorg de komende weken nog nodig is.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel als bedoeld in de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). De machtiging zal daarom worden verleend.
Beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel voor:
[betrokkene],
geboren op [geboortedatum] 2006 in [geboorteplaats] ,
inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen:
- toedienen van medicatie;
- verrichten medische controles;
- beperken van de bewegingsvrijheid;
- insluiten;
- uitoefenen van toezicht op betrokkene;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen;
- beperken van het recht op het ontvangen van bezoek;
- opnemen in een accommodatie;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 1 oktober 2026;
wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. M.L. Sandberg-Crommelin, rechter, bijgestaan door I. de Vroom als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 10 september 2026.