Artikel 29a Wetboek van Strafvordering

Lid 1

Het proces-verbaal van verhoor vermeldt het tijdstip waarop het verhoor van de verdachte is aangevangen, eventueel wordt onderbroken en hervat, en waarop het is beëindigd. Het bevat de redenen voor het onderbreken van het verhoor; het vermeldt voorts de identiteit van de personen die bij het verhoor aanwezig zijn en die daaraan deelnemen. Aangetekend wordt of geluids- of beeldopnamen van het verhoor zijn gemaakt.

Lid 2

De verklaringen van de verdachte, in het bijzonder die welke een bekentenis van schuld inhouden, worden in het proces-verbaal van het verhoor zo veel mogelijk in zijn eigen woorden opgenomen. De verklaring van de verdachte, wordt zo volledig mogelijk weergegeven en voor zo veel mogelijk in vraag- en antwoordvorm.

Lid 3

Aan de verdachte en, voor zover deze het verhoor heeft bijgewoond, aan de raadsman wordt de gelegenheid geboden om opmerkingen te maken over de weergave van het verhoor in het proces-verbaal. Deze opmerkingen worden onverwijld aan de verhorende ambtenaar verstrekt en worden, voor zover zij niet worden overgenomen, in het proces-verbaal vermeld. Indien de verdachte met de weergave van zijn verklaring instemt, ondertekent hij deze.

Recente uitspraken

Art. 29a Sv is sinds 2012 in 6 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Rb. Zeeland-West-Brabant en Hof Arnhem-Leeuwarden.

  • ECLI:NL:HR:2025:135 — 04-02-2025 Hoge Raad
    Vervoeren van 16 kilo cocaïne (art. 2.B Opiumwet) en 2,8 kilo henneptoppen (art. 3.B Opiumwet), aanwezig hebben van 18 kilo hennep (art. 3.C Opiumwet), voorhanden hebben van wapens en munitie (art. 26.1 WWM), voorhanden hebben van valse identiteitsbewijzen en rijbewijzen (art.…
  • ECLI:NL:HR:2018:612 — 17-04-2018 Hoge Raad
    OM-cassatie. Het niet voldoen aan de verplichting om medewerking te verlenen aan het nemen van een of meer vingerafdrukken, hem opgelegd krachtens het WvSv, art. 447e Sr. O.g.v. art. 55c.2 en 3 Sv komt – onder de in die bepaling gestelde voorwaarden – aan de ambtenaren a.b.i. in…
  • ECLI:NL:HR:2012:BX4153 — 04-09-2012 Hoge Raad
    Het Hof heeft geoordeeld dat nu twijfel bestaat over de identiteit van de ter terechtzitting in hoger beroep verschenen verdachte, deze situatie moet worden gelijkgesteld met het aanwenden van een rechtsmiddel door of namens een NN-verdachte, en heeft verdachte cfm HR LJN AB0259…
  • ECLI:NL:GHARL:2025:4188 — 08-07-2025 Hof Arnhem-Leeuwarden
    Het hof constateert dat gehandeld is in strijd met de verbaliseringsplicht (art. 29a jo 152 Sv). Het geconstateerde verzuim is hersteld waardoor ‘the proceedings as a whole fair’ zijn. Verwerping van het verweer betreffende de niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.…
  • ECLI:NL:RBZWB:2019:1589 — 11-04-2019 Rb. Zeeland-West-Brabant
    Verdachte A.S. heeft zich als spijtoptant bij de politie gemeld en heeft een uitgebreid beeld geschetst van een goed georganiseerde criminele organisatie in Tilburg die zich gedurende een behoorlijk aantal jaren op zeer grote schaal heeft beziggehouden met het telen van hennep…

Bekijk alle 6 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.