Artikel 28 Wetboek van Strafvordering

Lid 1

De verdachte heeft het recht om zich, overeenkomstig de bepalingen van dit wetboek, te doen bijstaan door een raadsman.

Lid 2

Aan de verdachte wordt overeenkomstig de wijze bij de wet bepaald door een aangewezen of gekozen raadsman rechtsbijstand verleend.

Lid 3

In bijzondere gevallen kan op gemotiveerd verzoek van de verdachte meer dan een raadsman worden aangewezen.

Lid 4

De verdachte wordt, telkens wanneer hij dit verzoekt, zo veel mogelijk de gelegenheid verschaft om zich met zijn raadsman in verbinding te stellen.

Lid 5

De verdachte die de Nederlandse taal niet of onvoldoende beheerst kan ten behoeve van zijn contacten met zijn raadsman een beroep doen op bijstand van een tolk. De raadsman is verantwoordelijk voor het oproepen van een tolk.

Recente uitspraken

Art. 28 Sv is sinds 1983 in 47 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hoge Raad, Hof Amsterdam en Rb. Zeeland-West-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2026:996 — 23-06-2026 Hoge Raad
    Poging tot zware mishandeling (art. 302.1 jo. 45 Sr) en bedreiging (art. 285.1 Sr) van medewerker jeugdzorginstelling waar verdachte verbleef. Verweer strekkende tot strafvermindering i.v.m. vormverzuim, nu als kwetsbaar aan te merken verdachte voorafgaand aan en tijdens…
  • ECLI:NL:HR:2026:426 — 24-03-2026 Hoge Raad
    Diefstal van fopspeen uit supermarkt, art. 310 Sr. Beroep op bewijsuitsluiting t.a.v. bij politie afgelegde verklaring van verdachte, nu als kwetsbaar aan te merken verdachte voorafgaand aan en tijdens politieverhoor geen rechtsbijstand heeft gehad. Kon hof oordelen dat…
  • ECLI:NL:HR:2026:15 — 06-01-2026 Hoge Raad
    Profijtontneming, w.v.v. uit hennepteelt en gewoontewitwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling, art. 36e.3 Sr. Afstand van rechtsbijstand door ex art. 40 Sv aangewezen raadsman. Heeft betrokkene rechtsgeldig afstand gedaan van recht op rechtsbijstand waardoor hof niet…
  • ECLI:NL:HR:2024:1781 — 03-12-2024 Hoge Raad
    Verlaten plaats ongeval, art. 7.1 WVW 1994. Schending informatieplicht art. 27c.2 Sv voor verhoor van niet-aangehouden verdachte. Verweer dat opsporingsambtenaren de verdachte hadden moeten wijzen op zijn recht op rechtsbijstand, voordat ze hem in zijn woning vragen stelden over…
  • ECLI:NL:HR:2024:1769 — 03-12-2024 Hoge Raad
    Verduistering crossmotor tijdens proefrit (art. 321 Sr). Schending cautieplicht art. 29.2 Sv en informatieplicht art. 27c.2 Sv voor verhoor van niet-aangehouden verdachte. Verweer dat opsporingsambtenaar verplicht was cautie te geven aan verdachte en hem te wijzen op zijn recht…

Bekijk alle 47 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.