Artikel 2 Richtlijn representatieve vorderingen (EU) 2020/1828

Toepassingsgebied

1.

Deze richtlijn is van toepassing op representatieve vorderingen die worden ingesteld wegens inbreuken door handelaren op de in bijlage I bedoelde bepalingen van Unierecht, met inbegrip van de in nationaal recht omgezette bepalingen daarvan, die de collectieve belangen van consumenten schaden of kunnen schaden. Deze richtlijn laat de in bijlage I bedoelde bepalingen van Unierecht onverlet. Zij is van toepassing op binnenlandse en grensoverschrijdende inbreuken, ook indien deze inbreuken zijn gestaakt voordat de representatieve vordering werd ingesteld of indien deze inbreuken zijn gestaakt voordat de representatieve vordering werd afgesloten.

2.

Deze richtlijn doet geen afbreuk aan de regels van Unierecht of nationaal recht die voorzien in contractuele en niet-contractuele remedies die consumenten voor de in lid 1 bedoelde inbreuken kunnen aanwenden.

3.

De Unieregels inzake internationaal privaatrecht, in het bijzonder de regels met betrekking tot de rechterlijke bevoegdheid en de erkenning en de tenuitvoerlegging van vonnissen in burgerlijke en handelszaken en de regels betreffende het recht dat van toepassing is op contractuele en niet-contractuele verbintenissen, worden door deze richtlijn onverlet gelaten.

Geconsolideerde tekst van 02-08-2026 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.