Artikel 9 Invorderingswet 1990

Lid 1

Een belastingaanslag is invorderbaar zes weken na de dagtekening van het aanslagbiljet.

Lid 2

In afwijking van het eerste lid is een navorderingsaanslag, alsmede een conserverende navorderingsaanslag invorderbaar één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en een naheffingsaanslag invorderbaar veertien dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet.

Lid 3

Een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake een bestuurlijke boete die gelijktijdig en in verband met de vaststelling van een belastingaanslag als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel m, is opgelegd, is invorderbaar overeenkomstig de bepalingen die gelden voor die belastingaanslag. Een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake belasting- of revisierente is invorderbaar overeenkomstig de bepalingen die gelden voor de belastingaanslag, bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel m, waarop de belasting- of revisierente betrekking heeft.

Lid 4

Een uitnodiging tot betaling, alsmede een ingevolge artikel 2, tweede lid, onderdeel c, met een belastingaanslag gelijkgestelde beschikking inzake rente op achterstallen, inzake kosten van ambtelijke werkzaamheden of inzake een bestuurlijke boete als bedoeld in hoofdstuk 9 van de Algemene douanewet, is invorderbaar tien dagen na de dagtekening van het aanslagbiljet.

Lid 5

In afwijking van het eerste lid is een voorlopige aanslag in de inkomstenbelasting of in de vennootschapsbelasting en een voorlopige conserverende aanslag in de inkomstenbelasting, waarvan het aanslagbiljet een dagtekening heeft die ligt in het jaar waarover deze is vastgesteld, invorderbaar in zoveel gelijke termijnen als er na de maand, die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, nog maanden van het jaar overblijven. De eerste termijn vervalt één maand na de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later. Indien de toepassing van de eerste volzin niet leidt tot meer dan één termijn, vindt het eerste lid toepassing.

Lid 6

In afwijking van het eerste en het vijfde lid is een belastingaanslag als bedoeld in het vijfde lid, die een uit te betalen bedrag behelst, invorderbaar in zoveel gelijke termijnen als er met inbegrip van de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld, nog maanden van het jaar overblijven. De eerste termijn vervalt aan het eind van de maand van de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

Lid 7

In afwijking van het eerste lid is een voorlopige aanslag waarvan het aanslagbiljet een dagtekening heeft die ligt voor het jaar waarover deze is vastgesteld, invorderbaar in zoveel gelijke termijnen als er maanden van het jaar zijn. De eerste termijn vervalt aan het eind van de eerste maand van het jaar waarover de voorlopige aanslag is vastgesteld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

Lid 8

In afwijking van het tweede lid is terstond invorderbaar een naheffingsaanslag ter zake van de belasting van personenauto’s en motorrijwielen, die is opgelegd aan een ander dan een vergunninghouder als bedoeld in artikel 8 van de Wet op de belasting van personenauto’s en motorrijwielen 1992.

Lid 9

In afwijking van het vierde lid is een uitnodiging tot betaling die is vastgesteld overeenkomstig een op een kalendermaand betrekking hebbende, aanvullende aangifte als bedoeld in artikel 167, eerste lid, van het Douanewetboek van de Unie invorderbaar vijftien dagen na de maand waarover de aangifte is gedaan. In afwijking in zoverre van de eerste volzin is de uitnodiging tot betaling ter zake van de aangifte over de maand februari invorderbaar na zestien maart.

Lid 10

De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Lid 11

In afwijking van het eerste lid is een belastingaanslag die een uit te betalen bedrag behelst niet invorderbaar:

  1. zolang over de juistheid van het adresgegeven van de belastingschuldige gerede twijfel bestaat of zolang dit gegeven ontbreekt;

  2. indien er op het moment dat er na het tijdstip waarop de belastingschuld is ontstaan vijf jaren zijn verstreken:

    1. gerede twijfel bestaat over de juistheid van het adresgegeven van de belastingschuldige; of

    2. het adresgegeven van de belastingschuldige ontbreekt.

Lid 12

De verplichting tot betaling wordt niet geschorst door de indiening van een bezwaar- of beroepschrift inzake een belastingaanslag.

Recente uitspraken

Art. 9 Invord1990 is sinds 2000 in 46 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Den Haag, Rb. Zeeland-West-Brabant en Hof 's-Hertogenbosch.

  • ECLI:NL:HR:2021:1748 — 10-12-2021 Hoge Raad
    Inkomstenbelasting; correctie van aftrekposten na controle aangifte; project 1043 en databank FSV; rechtmatigheid besluit aangifte te controleren; gevolgen schending AVG of Wpb.
  • ECLI:NL:HR:2014:1457 — 20-06-2014 Hoge Raad
    Art. 4:102 en 4:103 Awb; art. 6:119 BW, art. 26 AWR. Inspecteur is wettelijke rente verschuldigd in verband met niet tijdig vergoeden van heffingsrente. Bezwaar en beroep bij de fiscale bestuursrechter staan open. Diverse formele aspecten.
  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1721 — 01-07-2026 Hof 's-Hertogenbosch
    Aanmaningen wegens achterstand in de betaling van de navorderingsaanslagen. Belanghebbende heeft aanmaningen per post in [land] ontvangen. Het hof is bevoegd om het hoger beroep te behandelen. Het hof oordeelt dat de ontvanger, met het versturen van de aanmaningen die zien op de…
  • ECLI:NL:GHSHE:2026:1711 — 01-07-2026 Hof 's-Hertogenbosch
    Aanmaningen wegens achterstand in de betaling van de navorderingsaanslagen. Belanghebbende heeft aanmaningen per post in [land] ontvangen. Het hof is bevoegd om het hoger beroep te behandelen. Het hof oordeelt dat de ontvanger, met het versturen van de aanmaningen die zien op de…
  • ECLI:NL:GHDHA:2026:1895 — 28-05-2026 Hof Den Haag
    IB/PVV 2007 t/m 2016. Pensioenregeling ESA; tot 1 januari 1995 niet aan te merken als ‘onzuivere’ pensioenregeling; uitkeringen voor zover betrekking hebbend op aanspraken opgebouwd vóór 1 januari 1995 zijn terecht in box 1 belast. ‘Household allowance’ en ‘tax adjustment’…

Bekijk alle 46 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.