Artikel 30g Algemene wet inzake rijksbelastingen

Lid 1

Indien met betrekking tot de erfbelasting een belastingaanslag met een door de belastingplichtige te betalen bedrag aan belasting wordt vastgesteld, wordt met betrekking tot die belastingaanslag rente – belastingrente – in rekening gebracht.

Lid 2

De belastingrente wordt enkelvoudig berekend:

  1. indien het betreft een belastingaanslag ter zake van een overlijden: over het tijdvak dat aanvangt twintig maanden na het overlijden en eindigt op de dag voorafgaand aan de dag waarop de belastingaanslag invorderbaar is ingevolge artikel 9 van de Invorderingswet 1990;

  2. indien het betreft een belastingaanslag ter zake van een verkrijging ten gevolge van de vervulling van een voorwaarde: over het tijdvak dat aanvangt twintig maanden na de dag van de vervulling van de voorwaarde en eindigt op de dag voorafgaand aan de dag waarop de belastingaanslag invorderbaar is ingevolge artikel 9 van de Invorderingswet 1990;

  3. indien het betreft een belastingaanslag als bedoeld in artikel 8, vijfde lid, van de Natuurschoonwet 1928: over het tijdvak dat aanvangt op de dag dat zich een van de gevallen, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Natuurschoonwet 1928, voordoet en eindigt op de dag voorafgaand aan de dag waarop de belastingaanslag invorderbaar is ingevolge artikel 9 van de Invorderingswet 1990.

De renteberekening heeft als grondslag het te betalen bedrag aan belasting.

Lid 3

Indien de belastingaanslag is vastgesteld overeenkomstig een verzoek of overeenkomstig de aangifte, eindigt het tijdvak waarover de belastingrente wordt berekend in afwijking in zoverre van het tweede lid uiterlijk 14 weken na de datum van ontvangst van het verzoek, onderscheidenlijk 19 weken na de datum van ontvangst van de aangifte. Ingeval het betreft een navorderingsaanslag die is vastgesteld naar aanleiding van een verzoek, eindigt het tijdvak waarover de belastingrente wordt berekend in afwijking in zoverre van de eerste volzin uiterlijk 12 weken na de datum van de ontvangst van het verzoek.

Lid 4

Geen belastingrente wordt in rekening gebracht ingeval de belastingaanslag ter zake van een overlijden is vastgesteld overeenkomstig een verzoek of overeenkomstig een ingediende aangifte indien het verzoek, onderscheidenlijk de aangifte, is ontvangen voor de eerste dag van de eenentwintigste maand na het overlijden.

Lid 5

Indien een belastingaanslag ter zake waarvan belastingrente in rekening is gebracht naar aanleiding van een bezwaarschrift, een daaropvolgende gerechtelijke procedure of een ambtshalve vermindering wordt verminderd of wordt vernietigd, wordt de eerder in rekening gebrachte rente naar evenredigheid verminderd, onderscheidenlijk vernietigd.

Lid 6

Voor de toepassing van dit artikel geldt als het te betalen bedrag aan belasting, het bedrag na de verrekening ingevolge artikel 15.

Lid 7

Met betrekking tot het tweede lid, onderdelen a en b, en het vierde lid is artikel 45, tweede lid, van de Successiewet 1956 van overeenkomstige toepassing.

Recente uitspraken

Art. 30g AWR is sinds 2001 in 31 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Arnhem-Leeuwarden en Rb. Zeeland-West-Brabant.

  • ECLI:NL:HR:2024:751 — 24-05-2024 Hoge Raad
    Vennootschapsbelasting. Art. 8:73 (oud) Awb; verzoek om vergoeding van rente bij een verliesverrekeningsbeschikking als bedoeld in art. 21, lid 1, Wet Vpb 1969, nadat het schadeveroorzakende besluit (de verliesvaststellingsbeschikking als bedoeld in art. 20b, lid 1, Wet Vpb…
  • ECLI:NL:HR:2011:BP3080 — 30-09-2011 Hoge Raad
    Art. 13, 30j en 65 AWR. Art. 3:4 Awb. Opleggen van een nadere voorlopige aanslag tot een negatief bedrag is mogelijk. Keuze is aan inspecteur. Rentenadeel dat door deze keuze ontstaat moet worden vergoed op grond van het evenredigheidsbeginsel.
  • ECLI:NL:GHAMS:2022:3366 — 15-11-2022 Hof Amsterdam
    Ingeval van ambtshalve verminderingen aanslagen IB/PVV bestaat geen recht op vergoeding heffings- of belastingrente. Reeds daarom geen benadeling door achterwege blijven hoorgesprek. De rechtbank heeft alle beroepen ongegrond verklaard. Op grond van artikel 8:74, lid 1, Awb was…
  • ECLI:NL:GHSHE:2022:134 — 19-01-2022 Hof 's-Hertogenbosch
    Belastingrente. Evenredigheidsbeginsel. Toetsingsverbod. Doel en strekking van de wettelijke regeling. Door een fout in een gebruikt softwarepakket wordt een onjuiste aangifte IB 2015 ingediend. Als gevolg daarvan wordt een verlies vastgesteld dat wordt verrekend met het jaar…
  • ECLI:NL:GHARL:2021:2185 — 09-03-2021 Hof Arnhem-Leeuwarden
    VPB. Verliesverrekeningsbeschikking. Rentenadeel als gevolg van te laag vastgestelde verliesvaststellingsbeschikking.

Bekijk alle 31 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.