Artikel 4 Verordening Europese procedure voor geringe vorderingen (861/2007)

Rechtsingang

1.

De Europese procedure voor geringe vorderingen wordt ingeleid doordat de eiser het standaardvorderingsformulier A van bijlage I bij deze verordening invult en indient bij het bevoegde gerecht, hetzij rechtstreeks, hetzij per post, door middel van elektronische communicatie zoals bedoeld in artikel 4 van Verordening (EU) 2023/2844 van het Europees Parlement en de Raad () of via een ander communicatiemiddel, zoals fax of elektronische post, dat wordt aanvaard door de lidstaat waar de procedure wordt ingeleid. Het vorderingsformulier bevat een beschrijving van de bewijzen ter staving van de vordering, en gaat waar nodig vergezeld van relevante, ter staving dienende stukken.

2.

De lidstaten delen de Commissie mede welke communicatiemiddelen zij aanvaarden. De Commissie maakt deze mededeling openbaar.

3.

Indien de vordering buiten het toepassingsgebied van deze verordening valt, stelt het gerecht de eiser hiervan in kennis. Tenzij de eiser de vordering intrekt, wordt deze door het gerecht behandeld overeenkomstig het procesrecht dat geldt in de lidstaat waar de procedure wordt gevoerd.

4.

Indien het gerecht de door de eiser verstrekte gegevens ontoereikend of onvoldoende duidelijk acht of indien het vorderingsformulier niet naar behoren is ingevuld, biedt het de eiser de mogelijkheid om binnen een door hem bepaalde termijn het vorderingsformulier aan te vullen of te corrigeren of bepaalde aanvullende gegevens of stukken te verstrekken, dan wel zijn vordering in te trekken, tenzij de vordering kennelijk ongegrond of het verzoek niet-ontvankelijk blijkt. Het gerecht gebruikt daartoe standaardformulier B van bijlage II.

Indien de vordering kennelijk ongegrond of het verzoek niet-ontvankelijk blijkt of indien de eiser verzuimt het vorderingsformulier binnen de vastgestelde termijn aan te vullen of te corrigeren, wordt het verzoek afgewezen.  Het gerecht stelt de eiser van die afwijzing in kennis en deelt mee of er tegen deze afwijzing rechtsmiddelen openstaan. 

5.

De lidstaten zorgen ervoor dat het standaardvorderingsformulier A beschikbaar is bij ieder gerecht waarbij de Europese procedure voor geringe vorderingen kan worden ingeleid, en dat het toegankelijk is via de relevante nationale websites.

Geconsolideerde tekst van 01-05-2025 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.

Recente uitspraken

Art. 4 EPGV is sinds 2020 in 13 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Rb. Overijssel en Rb. Noord-Holland.

  • ECLI:NL:GHAMS:2025:2414 — 09-09-2025 Hof Amsterdam
    Hoger beroep van een beschikking in een 223 Rv-incident in een zaak tegen Meta over (de invoering van) het systeem ‘pay or consent’ voor Instagram en Facebook. Procedurele beslissingen: Meta is ontvankelijk in haar hoger beroep, de vorderingen vallen niet binnen de reikwijdte…
  • ECLI:NL:RBOVE:2026:5843 — 15-09-2026 Rb. Overijssel
    Eindvonnis in een Europese small claim procedure.
  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9274 — 09-09-2026 Rb. Amsterdam
    Small claim. Bevoegdheidsincident. De zaak wordt verwezen naar rechtbank Limburg.
  • ECLI:NL:RBAMS:2026:9273 — 28-08-2026 Rb. Amsterdam
    Small Claim. Verzoeker heeft de handelsnaam van verweerder vermeld op het formulier. Het verzoek tot rectificatie van de partijnaam wordt toegestaan. Verweerder heeft de hoofdsom inmiddels voldaan. Zij moet nog wel de proceskosten betalen.
  • ECLI:NL:RBAMS:2026:7751 — 28-07-2026 Rb. Amsterdam
    EPGV-verzoek. Vergoeding verkoopbedrag laptop.

Bekijk alle 13 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.