Art. 7:306 Burgerlijk Wetboek Boek 7
Lid 1
Een onderhuurovereenkomst van bedrijfsruimte eindigt op het door de rechter op vordering van de hoofdverhuurder overeenkomstig artikel 296 lid 5 vastgestelde tijdstip van ontruiming.
Lid 2
Indien de hoofdhuurder de onderhuurder niet of niet juist heeft voorgelicht omtrent de termijn waarvoor de hoofdhuur geldt of is aangegaan, of hij bij de beëindiging van de hoofdhuur en de bepaling van het tijdstip van ontruiming onvoldoende voor de belangen van de onderhuurder heeft gewaakt, is hij verplicht de schade die de onderhuurder daardoor lijdt, te vergoeden.
Lid 3
De hoofdhuurder tegen wie door de hoofdverhuurder een vordering wordt ingesteld, die mede de belangen van de onderhuurder raakt, is bevoegd om deze in het geding te roepen.
Recente uitspraken
Art. 7:306 BW is sinds 2008 in 18 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof 's-Hertogenbosch, Hof Amsterdam en Rb. Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2013:BZ4156 — 17-05-2013 Hoge Raad
Art. 81 lid 1 RO. Beëindiging overeenkomst onderhuur bedrijfsruimte, art. 7:296 en art. 7:306 BW. - ECLI:NL:GHARL:2018:10315 — 27-11-2018 Hof Arnhem-Leeuwarden
Huur middenstandsbedrijfruimte. Opzegging hoofdhuurovereenkomst wegens belangenafweging. Hoofdverhuurder is ook onderhuurder. Geen uitvoerbaar bij voorraad. - ECLI:NL:GHSHE:2017:1900 — 02-05-2017 Hof 's-Hertogenbosch
huurbeëindiging bedrijfsruimte wegens dringend eigen gebruik gemeente. - ECLI:NL:GHSHE:2015:2509 — 07-07-2015 Hof 's-Hertogenbosch
samenloop franchise en huur; autowasstraat; bedrijfsruimte vernietiging opzegging verjaring art. 7:290 BW; art. 3:51 lid 3 BW; art. 7:306 lid 1 BW; 6:215 BW - ECLI:NL:GHSHE:2010:BQ2523 — 09-02-2010 Hof 's-Hertogenbosch
Voortzetting van tussenuitspraak van 15 januari 2008 C200700880/HE T, LJN BQ2521. Opzegging huur bedrijfsruimte
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.