Afdeling 2.6. Meldingen en het verstrekken van gegevens en bescheiden

Wordt genoemd in:

Artikel 2.17

Een melding wordt ondertekend en bevat ten minste:

  1. de aanduiding van de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 4;

  2. de naam en het adres van degene die de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3, verricht;

  3. het adres, of de kadastrale aanduiding of coördinaten van de locatie waarop de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3, wordt verricht; en

  4. de dagtekening.

Artikel 2.18

Als gegevens en bescheiden worden verstrekt aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, worden die ondertekend en voorzien van:

  1. de aanduiding van de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3;

  2. als het gaat om een activiteit als bedoeld in hoofdstuk 4: de aanduiding van die activiteit;

  3. de naam en het adres van degene die de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3, verricht;

  4. het adres, of de kadastrale aanduiding of coördinaten van de locatie waarop de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3, wordt verricht; en

  5. de dagtekening.

Artikel 2.19

Lid 1

Voordat de naam of het adres, of de kadastrale aanduiding of coördinaten van de locatie, bedoeld in de artikelen 2.17 en 2.18, wijzigen, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2.

Lid 2

Ten minste vier weken voordat de activiteit, bedoeld in hoofdstuk 3, door een ander zal gaan worden verricht, worden de gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2.

Artikel 2.20

Lid 1

Op verzoek van het bevoegd gezag, bedoeld in afdeling 2.2, worden de gegevens en bescheiden verstrekt die nodig zijn om te bezien of de algemene regels en de maatwerkvoorschriften voor de activiteit toereikend zijn gezien de ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van het milieu en de ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu.

Lid 2

Gegevens en bescheiden worden verstrekt voor zover degene die de activiteit verricht er redelijkerwijs de beschikking over kan krijgen.