Artikel 11 Algemene verordening gegevensbescherming (AVG)

Verwerking waarvoor identificatie niet is vereist

1.

Indien de doeleinden waarvoor een verwerkingsverantwoordelijke persoonsgegevens verwerkt, niet of niet meer vereisen dat hij een betrokkene identificeert, is hij niet verplicht om, uitsluitend om aan deze verordening te voldoen, aanvullende gegevens ter identificatie van de betrokkene bij te houden, te verkrijgen of te verwerken.

2.

Wanneer de verwerkingsverantwoordelijke in de in lid 1 van dit artikel bedoelde gevallen kan aantonen dat hij de betrokkene niet kan identificeren, stelt hij de betrokkene daarvan indien mogelijk in kennis. In dergelijke gevallen zijn de artikelen 15 tot en met 20 niet van toepassing, behalve wanneer de betrokkene, met het oog op de uitoefening van zijn rechten uit hoofde van die artikelen, aanvullende gegevens verstrekt die het mogelijk maken hem te identificeren.

Geconsolideerde tekst van 04-05-2016 (bron: EUR-Lex). Juridisch bindend is alleen de tekst in het Publicatieblad van de EU.

Recente uitspraken

Art. 11 AVG is sinds 2022 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam en Rb. Den Haag.

  • ECLI:NL:RBDHA:2026:424 — 07-01-2026 Rb. Den Haag
    Overheidsaansprakelijkheid. Verstrekking persoonsgegevens door gemeente aan woningcorporatie over een koopwoning is in strijd met de AVG. Causaal verband met gestelde schadeposten?
  • ECLI:NL:RBROT:2022:1420 — 25-02-2022 Rb. Rotterdam
    Schadevergoeding van 250 euro, op grond van artikel 82 AVG, in verband met onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens, door het rondsturen van Excellijst met gevoelige persoonsgegevens
  • ECLI:NL:RBROT:2022:1419 — 25-02-2022 Rb. Rotterdam
    Schadevergoeding van 250 euro, op grond van artikel 82 AVG, in verband met onrechtmatige verwerking van persoonsgegevens, door het rondsturen van Excellijst met gevoelige persoonsgegevens

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.