Artikel 122d Waterschapswet

Lid 1

Ter bestrijding van kosten die zijn verbonden aan de behartiging van de taak inzake het zuiveren van afvalwater, wordt onder de naam zuiveringsheffing een heffing ingesteld ter zake van afvoeren.

Lid 2

Aan de heffing worden onderworpen:

  1. ter zake van afvoeren vanuit een bedrijfsruimte of woonruimte: degene die het gebruik heeft van die ruimte;

  2. ter zake van het afvoeren anders dan bedoeld onder a: degene die afvoert.

Lid 3

Voor de toepassing van het tweede lid, onderdeel a, is heffingplichtig:

  1. in geval van gebruik van een woonruimte door de leden van een huishouden: degene die door de in artikel 123, derde lid, onderdeel d, bedoelde ambtenaar van het waterschap is aangewezen;

  2. in geval van gebruik door degene aan wie een deel van een bedrijfsruimte in gebruik is gegeven: degene die dat deel in gebruik heeft gegeven, met dien verstande dat degene die het deel in gebruik heeft gegeven, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven;

  3. in geval van het ter beschikking stellen van een woonruimte of bedrijfsruimte voor volgtijdig gebruik: degene die die ruimte ter beschikking heeft gesteld, met dien verstande dat degene die de ruimte ter beschikking heeft gesteld, bevoegd is de heffing als zodanig te verhalen op degene aan wie de ruimte ter beschikking is gesteld.

Lid 4

Indien stoffen met behulp van een openbaar vuilwaterriool worden afgevoerd, is degene bij wie dat openbaar vuilwaterriool in beheer is, slechts voor die stoffen die de beheerder zelf op het openbaar vuilwaterriool heeft gebracht aan een heffing onderworpen.

Lid 5

De opbrengst van de heffing kan tevens worden besteed:

  1. aan het verstrekken van subsidies ter tegemoetkoming in de kosten van het voorbereiden en uitvoeren van maatregelen die verband houden met het zuiveren van afvalwater aan diegenen die tot het treffen van die maatregelen zijn gehouden;

  2. aan het verstrekken van subsidies aan heffingplichtigen tot behoud van het gebruik van zuiveringtechnische werken teneinde een stijging van het tarief van de heffing zoveel mogelijk te voorkomen;

  3. aan het doen van uitgaven ter beperking van de afvoer van hemelwater op een zuiveringtechnisch werk of op een openbaar vuilwaterriool;

  4. aan de bekostiging van maatregelen voor het opwekken van hernieuwbare energie ter compensatie van de uitstoot van broeikasgassen, die vrijkomen als gevolg van de zuivering van afvalwater en die in redelijkheid niet te vermijden zijn. De hoeveelheid op te wekken hernieuwbare energie mag niet hoger zijn dan driemaal het primaire energiegebruik van het betreffende waterschap benodigd voor de zuivering van afvalwater.

Lid 6

Voor de zuivering van ander afvalwater dan bedoeld in artikel 1, tweede lid, kan een waterschap een overeenkomst sluiten met degene die zich van dit afvalwater ontdoet.

Lid 7

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over de wijze waarop het primaire energiegebruik wordt bepaald.

Recente uitspraken

Art. 122d Wschw is sinds 2016 in 10 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Hof Amsterdam, Hof 's-Hertogenbosch en Hof Arnhem-Leeuwarden.

  • ECLI:NL:GHAMS:2026:2814 — 25-08-2026 Hof Amsterdam
    Aanslag waterschapsbelasting; strijd met wettelijke bepalingen of rechtsbeginselen? Schending hoorrecht leidt niet tot toekenning proceskostenvergoeding vanwege bijzondere omstandigheid.
  • ECLI:NL:GHSHE:2026:598 — 04-03-2026 Hof 's-Hertogenbosch
    Zuiveringsheffing. Bedrijfsruimte of woonruimte? Het hof is van oordeel dat de onroerende zaak een bedrijfsruimte is en dat van schending van de algemene beginselen van bestuur geen sprake is.
  • ECLI:NL:GHSHE:2025:1165 — 23-04-2025 Hof 's-Hertogenbosch
    Het Delegatie- en mandaatbesluit BsGW, waarin de bevoegdheid tot het heffen van forensenbelasting aan het dagelijks bestuur van BsGW is overgedragen, is bekend gemaakt en in werking getreden na het opleggen van de aanslag forensenbelasting en het doen van uitspraak op bezwaar.…
  • ECLI:NL:GHSHE:2024:2743 — 28-08-2024 Hof 's-Hertogenbosch
    Het hof is van oordeel dat niet aannemelijk is dat de opbrengstlimiet is overschreden en oordeelt verder over diverse stellingen van formele aard.
  • ECLI:NL:GHAMS:2019:2882 — 08-08-2019 Hof Amsterdam
    Belanghebbende is een nakomeling van een ex-militair van het Koninklijk Nederlands-Indonesische Leger (K.N.I.L.). Rechtbank heeft terecht geoordeeld dat de aanslag waterschapsbelasting terecht is opgelegd. Er is echter geen sprake van kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht…

Bekijk alle 10 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.