Artikel 24 Wet op de rechtsbijstand

Lid 1

Het bestuur beslist op de aanvraag om een toevoeging ten behoeve van:

  1. rechtsbijstand door een advocaat;

  2. rechtsbijstand door een medewerker die in dienstbetrekking is bij een voorziening, tenzij het betreft een medewerker van de voorziening, bedoeld in artikel 7, tweede lid, of van een voorziening als bedoeld in artikel 8, tweede lid, voorzover het de verlening van rechtshulp betreft;

  3. rechtsbijstand door personen, bedoeld in artikel 13, eerste lid, onder c.

Lid 2

De rechtsbijstandverlener dient mede namens de rechtzoekende, een aanvraag om een toevoeging in bij een vestiging van de raad in het ressort waar de rechtsbijstandverlener kantoor houdt. De aanvraag wordt mede namens de rechtzoekende, ondertekend door de rechtsbijstandverlener.

Lid 3

De aanvraag om een toevoeging bevat een genoegzame omschrijving van de feiten en omstandigheden betreffende het rechtsprobleem waarvoor rechtsbijstand wordt gevraagd, de aan te voeren gronden dan wel een aanduiding van de werkzaamheden op basis van de toevoeging die ter zake van het rechtsprobleem nodig worden geacht.

Lid 4

De rechtsbijstandverlener kan slechts met instemming van het bestuur de toevoeging weigeren. Zolang de toevoeging niet is gewijzigd of ingetrokken, is hij verplicht de nodige rechtsbijstand te verlenen.

Lid 5

De toevoeging vermeldt een omschrijving van het rechtsbelang terzake waarvan de toevoeging is verleend. Het besluit vermeldt tevens het bedrag van de eigen bijdrage die op de voet van het bepaalde in artikel 35 is verschuldigd.

Recente uitspraken

Art. 24 Wrb is sinds 2004 in 33 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Noord-Holland, Rb. Amsterdam en Hoge Raad.

  • ECLI:NL:HR:2024:48 — 19-01-2024 Hoge Raad
    Wvggz. Kosten van rechtsbijstand in cassatie. Beschikking tot voortzetting van crisismaatregel wordt in cassatie vernietigd, waarna toevoeging voor rechtsbijstand in cassatie wordt ingetrokken op grond dat kosten kunnen worden verhaald op derde (art. 34g lid 1 onder a Wrb). Hof…
  • ECLI:NL:HR:2004:AO4098 — 15-06-2004 Hoge Raad
    Kosten van een raadsman ex art. 591a.2 Sv. Ingeval de gewezen verdachte en de raadsman die aan hem in de strafzaak was toegevoegd nadat de zaak is geëindigd overeenkomen dat van de verleende toevoeging geen gebruik zal worden gemaakt, kunnen de vervolgens door de advocaat aan de…
  • ECLI:NL:RVS:2024:355 — 31-01-2024 Raad van State
    Bij besluit van 24 september 2019 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand de vergoeding voor rechtsbijstand die is verleend op basis van de toevoeging met kenmerk 1HZ6700 ingetrokken. [appellant] is advocaat en neemt als rechtsbijstandverlener deel aan het High…
  • ECLI:NL:RVS:2021:1028 — 12-05-2021 Raad van State
    Bij besluit van 23 augustus 2018 heeft het bestuur van de raad voor rechtsbijstand een verzoek van [wederpartij] om vernietiging van de vonnissen die zij bij haar aanvragen om verlening van toevoegingen heeft overgelegd, afgewezen. Op 30 oktober 2017 heeft de toenmalige advocaat…
  • ECLI:NL:CRVB:2018:3474 — 07-11-2018 CRvB
    Conclusie van advocaat-generaal Widdershoven over de toepassing van het leerstuk van afgeleid belang in algemene zin en in het sociaal domein in het bijzonder. In de conclusie wordt vijf vuistregels geformuleerd die richtinggevend zouden moeten zijn bij toekomstige toepassing…

Bekijk alle 33 uitspraken »

Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.