Artikel 2:3a Wet op het financieel toezicht
Lid 1
Het is een ieder met zetel in Nederland verboden zonder een daartoe door de Nederlandsche Bank verleende vergunning het bedrijf uit te oefenen van betaaldienstverlener.
Lid 2
Het eerste lid is niet van toepassing op financiële ondernemingen die voor het uitoefenen van het bedrijf van bank of voor het uitoefenen van het bedrijf van elektronischgeldinstelling een door de Europese Centrale Bank of de Nederlandsche Bank verleende vergunning hebben, voor zover het aan hen ingevolge die vergunning is toegestaan betaaldiensten te verlenen.
Lid 3
Het eerste lid is niet van toepassing op elektronischgeldinstellingen die gevestigd zijn in een door Onze Minister aangewezen staat als bedoeld in artikel 2:10f, derde lid, en die voldoen aan de in artikel 2:10f, derde lid, bedoelde voorwaarden.
Dit artikel verwijst naar:
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 2:3a Wft is sinds 2012 in 45 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Amsterdam, Rb. Rotterdam en Hof Amsterdam.
- ECLI:NL:HR:2024:1818 — 10-12-2024 Hoge Raad
Hawalabankieren. Medeplegen opzettelijk zonder vergunning optreden als betaaldienstverlener, terwijl hiervan een gewoonte is gemaakt, art. 2:3a.1 Wft. Kwalificatie bewezenverklaarde. Houden tll. en bewezenverklaring in dat feit is begaan door persoon “met zetel in Nederland”… - ECLI:NL:HR:2021:1701 — 23-11-2021 Hoge Raad
Zonder vergunning een gewoonte maken van uitoefenen van bedrijf van betaaldienstverlener, art. 2:3a.1 Wft. Algemene beschouwingen over bewijs van “gewoonte”. Is sprake van maken van “gewoonte” van uitoefenen van bedrijf van betaaldienstverlener? Voor bewijs van “uitoefenen van… - ECLI:NL:HR:2020:1906 — 01-12-2020 Hoge Raad
Hawalabankieren. Medeplegen opzettelijk zonder vergunning optreden als betaaldienstverlener, terwijl hiervan een gewoonte is gemaakt, art. 2:3a.1 Wft. 1. Bewijsklacht gewoonte maken. 2. Kwalificatie bewezenverklaarde. Bestanddeel “met zetel in Nederland”. Ad 1. Uit… - ECLI:NL:HR:2020:1753 — 10-11-2020 Hoge Raad
Hawalabankieren vanuit wasserette in Amsterdam. Medeplegen zonder vergunning optreden als betaaldienstverlener, meermalen gepleegd (art. 2:3a.1 Wft). 1. Is sprake van ‘uitoefenen van bedrijf van betaaldienstverlener’ a.b.i. art. 2:3a.1 Wft door ‘geldtransfers’ a.b.i. art. 4… - ECLI:NL:CBB:2025:33 — 28-01-2025 CBb
Wet op het financieel toezicht, hoger beroep. Last onder dwangsom wegens uitoefenen van bedrijf van schadeverzekeraar en betaaldienstverlener zonder vergunningen. Afbouwgarantie is een verzekering. Met betrekking tot zekerheidstelling prejudiciële vraag aan het Hof van Justitie…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.