Artikel 2:3f Wet op het financieel toezicht
Lid 1
Het is een ieder met zetel in een staat die geen lidstaat is verboden:
in Nederland het bedrijf van betaaldienstverlener uit te oefenen;
vanuit een in Nederland gelegen bijkantoor het bedrijf van betaaldienstverlener uit te oefenen in een andere lidstaat.
Lid 2
Het eerste lid is niet van toepassing op financiële ondernemingen die voor het uitoefenen van het bedrijf van bank een door de Nederlandsche Bank op grond van dit deel verleende vergunning hebben, voor zover het aan hen ingevolge die vergunning is toegestaan betaaldiensten te verlenen.
Wordt genoemd in:
Recente uitspraken
Art. 2:3f Wft is sinds 2018 in 1 uitspraak op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Rotterdam.
- ECLI:NL:RBROT:2018:10937 — 20-12-2018 Rb. Rotterdam
Veroordeling voor het medeplegen van gewoontewitwassen, het uitoefenen van het bedrijf van betaaldienstverlener zonder vergunning, deelneming aan een organisatie met het oogmerk tot het plegen van misdrijven en het in bezit hebben van een boksbeugel en imitatiewapen. Voor het…
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.