Artikel 1:2 Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten
Lid 1
Ingezetene in de zin van deze wet en de daarop berustende bepalingen is de natuurlijke persoon, die in Nederland woont.
Lid 2
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kan, in afwijking van het eerste lid, uitbreiding dan wel beperking worden gegeven aan het begrip «ingezetene».
Lid 3
Voor de persoon die op grond van het tweede lid als ingezetene wordt aangemerkt, doch buiten Nederland woont, gelden de bepalingen van deze wet, met inachtneming van de specifieke regels die in deze wet ten aanzien van deze persoon zijn gesteld.
Recente uitspraken
Art. 1:2 Wajong is sinds 2023 in 3 uitspraken op wetboek.org gekoppeld, met name door Rb. Den Haag en Rb. Noord-Holland.
- ECLI:NL:RBDHA:2024:23732 — 17-12-2024 Rb. Den Haag
Weigering wajong-uitkering. Eiser was op zijn achttiende verjaardag geen ingezetene van Nederland. Dit betekent dat het Uwv terecht heeft geweigerd eiser een uitkering op grond van de Wajong toe te kennen. - ECLI:NL:RBDHA:2023:16599 — 27-10-2023 Rb. Den Haag
De rechtbank is van oordeel dat de besluiten waartegen de zeven beroepen zijn gericht in stand blijven en dat het Uwv geen dwangsommen aan eiser is verschuldigd. Het beroep tegen het niet tijdig nemen van besluiten is niet-ontvankelijk, omdat eiser geen rechtsgeldige aanvragen… - ECLI:NL:RBNHO:2023:7299 — 25-07-2023 Rb. Noord-Holland
Wajong. Beroep ongegrond. Uitleg artikel 1:1a eerste lid onder a en onder b, en tweede lid Wajong. In één en hetzelfde geval (dat wil zeggen bij dezelfde persoon met dezelfde ziekteoorzaak) vangt niet voor een tweede keer een Amber-termijn aan
Bron: Rechtspraak.nl — uitspraken bevatten verwijzingen naar dit artikel.